Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28

weder een dam in de Dieze1). Toen was echter maar de helft der uitstroomingsopening dicht. Maar de stroom was nu vaak zoo sterk, dat de schepen niet door de Dieze varen konden 2).

In 1749 werd op een verzoek der polders rondom 's-Hertogenbosch, dat door die stad gesteund werd, verlof gegeven den dam op te ruimen, echter onder voorwaarde, dat deze weder gelegd zou moeten worden, als het noodig geoordeeld werd8).

Ook zonder dat het water kunstmatig door een dam in de Dieze opgestopt werd, leden 's-Hertogenbosch, het land rondom die stad en de omliggende dorpen verscheidene malen ontzettende schade.

Hooge watervloeden kwamen ook nog na de verbetering der Nieuwe Maas in de tweede helft der 15de eeuw vele malen voor, zoowel bij open water als bij ijsgang.

Het overtollige water richtte vaak groote verwoestingen aan, en stad en land der Meijerij van 's-Hertogenbosch leden zeer veel. Zoo kostte bijv. het herstellen der schade door het water van 1579-1598, aan de muren en de vestingwerken van 's-Hertogenbosch veroorzaakt, 4853 guldens en 17 stuivers 4).

In 1627 en de volgende jaren zag deze stad zich genoodzaakt hare straten te verhoogen, daar deze vaak onder water kwamen, waardoor de wallen en vestingwerken dikwijls van de stad uit niet te bereiken waren.

Hieruit kan men afleiden, dat het water vroeger wel niet zoo hoog geweest zal zijn als thans, en dat er dus langzamerhand een hoogere waterstand zal zijn gekomen.

In het voorjaar van 1658 was de waterlast in O.-Noord-Brabant wederom zeer erg.

Er hadden toen ook doorbraken plaats in de achterdijken ten Zuiden van de Langstraat. Daardoor stroomde het water achter Sprang door de lage velden van 's-Gravenmoer naar het riviertje de Donge en werd het daardoor op het Bergsche veld ontlast. Zeer waarschijnlijk is dit de aanleiding geweest om een blijvenden afvoer van het water langs dezen weg te zoeken. „Eenige lieden „sloegen een middel 'voor, om het hooge water naar Sprang en „zovoorts naar 's-Gravenmoer afte leiden; de Regeering stelde

*) Mr. J. v. Heurn:Historie 's-Hertogenbosch, alsv.,Deel IV, bldz. 82.

") id. Deel IV, bldz. 91.

») id. Deel IV, bldz. 136.

«) id., Deel II, bldz. 226.

Sluiten