Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JAARTAL 1908

336

het huisgezin niet mag aangetast, ook niet om een groep van 16 a 18 duizend man te grieven. Zeker, nu reeds zijn er beperkingen van huisrecht Maar toch bestaat er nog sterke liefde voor de autonomie van het huiselijk leven.

Wanneer men het toch doorzet, dan zullen de tegenstanders van de „Bakkerswet" die inbreuk op het huisrecht aangrijpen, om de publieke opinie op te drijven. Met die moot komt een wet er niet door.

Bij spr. is de vraag: Hoe realiseeren wij de meening die hier heerscht?

Daarom sprak hij een woord tot matiging en geduld, en een woord dat tot de consciëntiën spreekt En hij zegt: Mannen-broeders, juist, omdat ik mèt u strijd, keur uw eigen wapenen, en grijp niet tot bevordering van eigenbelang naar verkeerde middelen.

Arbeidsbescherming en bedrijfsregeling zijn een onderscheiden materie, en moeten ook zoo worden behandeld. Want al zegt men het honderdmaal, het publiek gelooft het niet, dat de wet geen uitwerking heeft zonder de volstrekte verbodsbepaling. Eerst zal men de wet in elk geval invoeren. En blijkt dan werkelijk de vrees der gezellen gegrond, dan kan men nader regeling vragen.

Maar thans Ingrijpen in het huisrecht, een der grondslagen van de samenleving, ter bevordering van eigenbelang is even onrechtvaardig, als wat tot nog toe tegen u is gedaan.

Niet als een tribuun, maar als iemand, die gewoon is met staatszaken zich te bemoeien en elke zaak moet beoordeelen naar al wat er aan vastzit heeft Spr. deze zaak behandeld, en hij hoopt zeer, dat tot de consciëntiën moge doordringen, dat de nachtrust een ordinantie Oods is, en dat zij het heil zal bevorderen van alle gegadigden.

Met zijn aanhaling van Hosea 7 : 6 was Dr. Kuyper niet gelukkig, want daaruit bleek, dat hij den Hebreeuwschen tekst niet had ingezien. Vergelijk echter ook: een asterisk in De Standaard van 4 Oct. 1907: De bakkers in Hosea de profeet. StarrenfIonkering, blz. 152.

De Spiegel gaf een plaat van het Congres tijdens de rede van Dr. Kuyper.

178. Parlementaire Redevoeringen. Vier Deelen. Amsterdam. Van Holkema & Warendorf, 1908—1910.

Het Eerste Deel dezer uitgave omvatte de Redevoeringen, door Dr. Kuyper gehouden in de Staten-Generaal als Kamerlid in de jaren 1894—1901; de drie andere deelen, die, welke hij hield als Minister van Binnenlandsche Zaken in de jaren 1901—1905.

De verschijning van dit werk werd aangekondigd door het volgende instructieve Prospectus:

Mr. Th. Heemskerk, het door hem gevormde Ministerie den lOden Maart van dit jaar bij de Tweede Kamer inleidende, verklaarde

Sluiten