Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28

Wet, Artt. 1—2; Instructie, § 2.

vangers, onder een jaarlijks te vernieuwen en op het bevelschrift te vermelden doorloopend nommer of artikel, ingeschreven in een daartoe door hen aan te leggen register, behelzende:

1°. volgnommer of artikel;

2°. gemeente;

3°. naam en voornamen van den aangeslagene; 4°. dagteekening van het bevelschrift; 5°. bedrag van den aanslag; en

6°. een kolom bestemd voor de afschrijving van den aanslag. Res V 1870, no. 158.

Zie, omtrent het uit te reiken aanslagbiljet, aant. 11 op art. 2, omtrent een te verzenden waarschuwing of aanmaning, § 39 der instructie, opgenomen onder art. 13, en omtrent een eventueel uit te vaardigen dwangbevel, § 46 der instructie, opgenomen onder art. 14.

Verg. mede aant. 38 op art. 3.

Art. 2. Na de overneming van het kohier, zendt de ontvanger, zoodra mogelijk en kosteloos, aan ieder belastingschuldige een gedagteekend aanslagbiljet, bevattende den naam van den belastingschuldige, mitsgaders aanwijzing van het bedrag van den aanslag, van de plaats van betaling,' van de dagen en uren waarop de ontvanger zitting houdt, van den ambtenaar of het college, bij welke de bezwaarschriften kunnen worden ingediend, en van den termijn daartoe bij de wet bepaald, en, eindelijk, uitnoodiging tot betaling vóór of op de vervaldagen, op straffe van vervolging (1—7).

Wanneer, wat de grondbelasting betreft, de belastingschuldige niet woont in eene der gemeenten tot het kantoor van ontvangst behoorende alwaar hij is aangeslagen, kan het aanslagbiljet worden toegezonden aan den huurder, pachter of bruiker, of, tot meerdere perceelen betrekking hebbende, aan den huurder, pachter of bruiker van dat gedeelte der goederen, hetwelk, volgens de registers van het kadaster, het hoogste inkomen oplevert, mits zoodanige huurder, pachter of bruiker in eene van die gemeenten woonachtig zij (8—9).

1. Naaraanleiding van de meening, geuit in het Voorl.V., dat het nuttig zou zijn in art. 2 gebiedend voor te schrijven, dat de Ontvanger het nommer van den betrokken post van het journaal op het biljet zal invullen, iets wat, naar men meende, wel eens werd verzuimd, werd opgemerkt, dat de quitantie van den Ontvanger, den dag en de voluitgeschreven som uitdrukkende, het eenige stuk is, dat voor dezen een vereischte is. Het journaabiommer is een nuttige cautela (a), maar, hetzij nauwkeurig, hetzij onnauwkeurig ingevuld, kan dit nommer op het bewijs van schuldbevrijding van geen invloed zijn; daarom is het dan ook verkieslijker voorgekomen, onderwerpen van dien aard aan administratieve voorschriften over te laten. Mem. v. A.

(o) Cautela = voorzichtigheidsmaatregel.

2. De Ontvangers zijn eerst na de overneming van het kohier bevoegd, om aan de belastingschuldigen het door de wet voorgeschreven aanslagbiljet te zenden; dienende gemeld aanslagbiljet o.a. te behelzen, uitnoodiging tot betaling vóór of op de vervaldagen, op straffe van vervolging. Vóór de overneming hebben de Ontvangers noch recht tot invordering, noch eenig ander recht. Vonnis van de Arr. Rechtbank te Roermond van 17 Febr. 1848, V. 1849, no. 88.

Verg. aant; 16 op art. 15.

Sluiten