Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bijlage C, II (I. O.). — § 17.

279

In den maandstaat wordt voorts melding gemaakt van de dwangbevelen, ingevolge § 9, aan de Bijksverzekeringsbank terug te zenden, van die, welke in den loop der maand reeds zijn teruggezonden en van die welke alsnog in behandeling blijven (8).

Het totaal-generaal der ontvangsten, vermeld in den maandstaat wordt in het register Comptabiliteit no. 6 afgetrokken (9). Een exemplaar van den maandstaat wordt met een exemplaar der quitantie B. V. B. no. 4 bij het register bewaard (10).

Het tweede exemplaar van den maandstaat wcrdt vóór den 5den der volgende maand gezonden aan het Bestuur der Bijksverzekeringsbank. Daarbij worden overgelegd het tweede exemplaar der quitantie B. V. B. no. 4, voor zoover noodig de declaratiën en quitantiën bedoeld in § 15, alsmede de dwangbevelen, als voor terugzending vatbaar daarin vermeld (11—13).

1. Gewijzigd volgens de resolutiën V. v. V. no. 119, sub IV, en V. v. V. no. 559.

%. De maandstaat R. V. B. no. 4* is opgenomen onder de modellen, achteraan in het werk.

3. Gesupprimeerd.

4. Het batig saldo moet in één bedrag ten postkantore worden gestort, hetwelk daarvoor één quitantie afgeeft. Bij stortingen door Ontvangers is alleen de maand, waarop de storting betrekking heeft, aan den postambtenaar op te geven en, indien ter plaatse meerdere ontvangkantoren gevestigd zijn, tevens door welk kantoor het bedrag wordt gestort. Opgaaf van de namen der werkgevers is niet noodig, aangezien de quitantie wordt gesteld ten name van den Ontvanger der directe belastingen. Weekblad no. 2019.

5. De quitantie R. V. B. no. 4 is opgenomen onder de modéllen, achteraan in hot werk.

6. In § 17 is niet bepaald, dat de daarin bedoelde storting op den laatsten dag der maand moet geschieden. Die storting kan op een der eerste dagen der volgende maand plaats hebben.

De Ontvanger behoort echter zorg te dragen, dat hij bij de inzending van zijn maandstaat, aan het Betsuur der Rijksverzekeringsbank, het tweede exemplaar der quitantie R. V. B. no. 4 kan overleggen. Res. van 11 Juni 1912, no. 51.

I. Tot het ontvangen van gelden in zake de uitvoering der Ongevallenwet 1901 zijn de postkantoren, in 't algemeen, open op dezelfde uren als voor de behandeling van postwissels, nl. op de grootere kantoren van 8,30 voormiddags tot 3,30 namiddags. Weekblad no. 2098.

8. Blijkens den maandstaat moeten in den loop der maand alleen worden teruggezonden de dwangbevelen, waarvan de beteekening achterwege is gebleven om een der redenen, genoemd in § 9. Hieruit volgt, dat de dwangbevelen die wel werden beteekend, maar waarvan de tenuitvoerlegging achterwege bleef op grond van onverhaalbaarheid der premie of nader gebleken betaling vóór de beteekening van het dwangbevel (zie § 8), moeten worden bewaard tot aan het einde der maand en bij den maandstaat ingezonden. Het is, voor de goede orde, gewenscht, om, be-

Sluiten