Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

78 STRIJDKRACHTEN EN OPERATIEPLANNEN

ging te ver daarvoor ongeveer de helft van de mobiele macht te bestemmen. En daarin is misschien ook de verklaring te zoeken voor het feit, dat de ontwerper van het operatieplan, ongeacht herhaalde vertoogen van bekwame generaals* hardnekkig bleef vasthouden aan de meerendeels naar het Oosten front makende legerconcentratie, doch de openliggende Noordelijke gedeelten van de grens zeer veronachtzaamde. Dit bezwaar klemt te meer, omdat de duurzame versterkingen van de Belgische grens, tot zelfs die van Parijs, zich in volstrekt onvoldoenden toestand bevonden; terwijl daarvan, bij een meer tegenover de Belgische grens gerichte troepenconcentratie, die openlijk een afwachtende houding ten opzichte van de Duitsche operatiën zou hebben aangenomen, grooten steun voor de Fransche veldlegers had kunnen worden verkregen, indien zij ingericht, bewapend en uitgerust geweest waren overeenkomstig de eischen van den tijd.

In dit verband wijzen wij er ook nog op dat er, zooals generaal Legros herinnert, een vernuftig uitgedacht plan van den grooten Vauban bestaat, om het Noorden van Frankrijk* tteschen Maubeuge en de zee, door het stellen van inundatiën ontoegankelijk te maken. Vooral tusschen Maubeuge en Rijssel was het terrein gemakkelijk te inundeeren; beter dan tusschen Rijssel en de zee. Maar in een urgent geval kon men toch, door zeewater binnen te laten, in twee maal 24 uur alles onder water zetten. Het plan was na 1875 door den „Cbuseil de defénse" behouden en in 1914 waren de sluizen, beschermd door de vestingen Condé, Le Quesnoy en Duinkerken „en parfait état de fonctionnement."

Het is vreemd — en zelfs onbegrijpelijk indien men denkt aan het verbazend groote weerstandsvermogen dat de Belgische inundatiën langs de Ijzer later getoond hebben aan de Duitsche aanvallen

Sluiten