Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Noorden der provincie, bij de Van Ewijcksluis bezweek eveneens de zeedijk, zoodat ook de groote Anna Paulownaspolder bijna geheel overstroomde.

De Vrijdag, volgende op den nacht van de groote catastrophe, bereikten de berichten daarover Amsterdam en de avonds en ochtendbladen brachten de bevolking onder den indruk van het noodlot dat de provincie had getroffen. Niet het minst de Directie en ingenieurs van WERKSPOOR, waar men door jarenlange belangstelling in polderzaken eerder in staat was den omvang en den ernst van de catastrophe in te zien en te begrijpen. Uit eene ruwe berekening van de grootte van het overstroomde gebied in verband met de hoogteligging der gronden, bleek dat ver over de 10C%millioen kubieke Meters water de velden bedekte en dat alleen met de krachtigste middelen, de verwijdering van al dat water in een aannemehjk korten tijd kon bewerkstelligd, worden. De bestaande gemalen schoten daartoe ten eenenmale te kort en het was duidelijk dat zeer groote hulpsbemalingsinstallaties in het werk gesteld zouden moeten worden. Dat voor installaties van deze capaciteit slechts aan centrifugaalpompen gedacht kon worden was buiten kijf — de moeilijkheid was zulke pompen in zeer korten tijd te maken en een krachtbron te vinden voor de aandrijving.

Reeds in de. eerste dagen na de catastrophe werd door WERKSPOOR een pomp ontworpen van zoodanige constructie, dat de vervaardiging niet meer dan enkele weken behoefde te kosten en men wendde zich eerst tot den Minister (op 18 Januari) en vervolgens tot den Provincialen Waterstaat met een desbetreffend plan. Het bleek nu, dat, wat de aandrijving betreft, de Kennemer Electriciteits Maatschappij over voldoende kabel kon beschikken voor het voorzien van stroom van een aan te

^/n/a/nA/»/a/AA/a/a/a/a/a/a/=t/a/A/a/a/a/A/a/a/2/n/a/A^

6

Sluiten