Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

10

DE BOUWKUNST VAN DE NATUURVOLKEN.

3.

waarvan men ook holenteekeningen heeft aangetroffen, vooral bestaand in menschen en vee, en olifant, struisvogel en giraffe, als weer voor het land kenmerkende dieren. Fig. 9. j

De Eskimo's, uit het hooge Noorden, die geen landbouw beoefenen kunnen tengevolge van het klimaat, doch steeds verhuizen moeten als hun rendieren den streek, waar ze wonen, hebben afgegraasd, leven in tenten van stokken met dierenhuiden bespannen, die gedeeltelijk in, gedeeltelijk boven den grond staan. Hun ornament bestaat uit diermotieven, als walrussen, rendieren en visschen.

De negerstammen van Afrika zijn waarschijnlijk in den loop der eeuwen weer in beschaving achteruitgegaan. Hun woningen zijn in hoofdvorm kegelvormig; ongeveer als bijenkorven zijn ze ook cylindervormig met een kegelvormig dak. Ook zijn er stammen, die woningen maken met een rechthoekig grondplan. Vensters ontbreken. Soms steekt het kegelvormig dak ver over de muren uit en wordt dan gesteund door een rij palen, zoodat er een omgang om de woning ontstaat. Bij enkele zeer groote woningen is deze rij palen binnen de wanden aangebracht, zoodat binnenin deze omgang wordt gevormd^

De hoogste trap in de primitieve kunst bereiken de Maleiers in ons Ned.-Indiƫ. Als in het neolithische tijdperk zijn de woningen op palen gebouwd, die ingeheid worden, o. a. in de Maleische paalwoningdorpen op Malakka, tegenover Singapore, op Borneo en Celebes. Waarschijnlijk heeft de vrees voor wilde

dieren hier voorgezeten. De bouwkunst van de Maleiers is echter niet zuiver primitief meer. Allerlei invloeden zijn kenbaar, als Boeddhistisch (Boro-boedoertempel op Java), Chineesch, Mohammedaansch en Europeaansch. Waar echter de Maleiers zich ver van de kust in de binnenlanden van Borneo hebben teruggetrokken, is de kunst ongerept bewaard gebleven. De Dajaks op Borneo zijn de paalwoningbouwers bij uitnemendheid. Ze bouwen op het land zoowel als in het moeras tot 12 M. boven den beganen grond. De woningen zijn rechthoekig, met hooge steile daken voor regen afvoer, met dierenkoppen op de uiteinden van de nok. Rondom of er voor loopt meestal een open waranda.

In het ornament spelen tijger, krokodil, draak en grijnzende duivelkop, alsmede inktvisch, plantmotieven, cirkel en spiraal een groote rol. Tot het fraaiste ornament behoort wel het bamboe- snijwerk. Fig. 10.

Fig. 10. Bamboesnijwerk van deKajanDajaks, op Borneo. (Naar Loeber).

Sluiten