Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

184

DE BOUWKUNST DER ROMEINEN.

[ -ji n .ii.n nu J» ie Ji .u nai i

Fig. 1?

Romeinsch-Ionische zuil met hoofdgestel van den tempel van Fortuna virilis te Rome.

a. Ontstaan, van 510—146 v. Chr., tijdens de Vroege republiek, overgang van Etruskisch naar Vroeg-Grieksch.

b. Ontwikkeling, van 146—31, gedurende het tijdperk van de veroveringen. Vreemde, vooral Helleensche invloeden, overgang naar Romeinsch.

2. Bloei en ontaarding, voltooide Romeinsche kunst uit den tijd van keizer Augustus tot in de 4e eeuw na Chr.

c. Bloeitijd, van 31 v. Chr. —138 n. Chr. Tijd van de wereldheerschappij onder Augustus tot aan den dood van Hadrianus.

d. Vervaltijd; naast minder goede constructie overladen, pronkerig ornament ; het voornaamste doel is de bestaande monumenten te overtreffen door vermeerdering van details, kostbare kleurige materialen en barokke vormen.

DE VROEG-ROMEINSCHE BOUWKUNST. 1. De godsdienst der Romeinen was oorspronkelijk de Etruskische ; met den toenemenden invloed van de Helleensche kuituur veranderde de godsdienst ook, tot ten slotte de volledige Grieksche mythologie door de Romeinen werd overgenomen. Uit den aard der zaak was het godsdienstige gevoel bij de Grieken, die hun eigen godenleer hadden, veel dieper geworteld dan bij de Romeinen, voor wie de geïmporteerde godenleer niet veel meer was dan een religieus vernis. Daarom was ook de Grieksche tempelbouw van zooveel

Sluiten