Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

210

DE BOUWKUNST DER ROMEINEN.

verloren. Het aantal ervan tusschen twee zuilen hangt af van den zuilafstand. De hoektriglyph rust boven de as van de hoekzuil. De metopen zijn ornamentaal of figuraal versierd met rozetten, stierenschedels, tropeeën en bloemguirlanden.

De onderkant van de kroonlijst loopt schuin naar buiten beneden of is horizontaal. Daar de mutulen worden aangebracht boven de triglyphen, ontstaan er boven de metopen verdiepte velden, waarin zware, hangende rozetten worden aangebracht. Tusschen fries en kroonlijst komt soms nog een tandlijst. b.v. aan het theater] van Marcellus te Rome. Overigens is de gootlijst of sima naar verhouding zeer laag, en geprofileerd als een hollijst.

b. De Ionische orde. De vormen worden Fig. 206. 7. nuchterder, armoediger, de details minder fijn. De echinus van het kapiteel is groot, het volutenkussen klein en recht. De met een passer geconstrueerde voluten worden daardoor onfraai.

Naast den meer nuchteren Ionischen.

kapiteelvorm komt een zeer rijke, overladen vorm voor, die door ornament is overwoekerd, zoodat zelfs de Fig. 207,208. volutenwindingen met akanthusranken zijn gevuld. Zelfs diervormen zijn in het oog van de voluut aangebracht.

Geheel afwijkend is het vooral te Pompeji, maar ook te Rome toegepaste diagonaalkapiteel, waarbij op de Fig. 210. vierhoeken onder de abacus de voluten in de richting van de diagonalen van de abacus, naar buiten uitspringen. Fig. 209. Dit kapiteel laat een veelzijdige toepassing toe.

c. De Korinthische orde, die reeds in het Vroeg-Romeinsche tijdvak bij voorkeur werd toegepast, is bij verschillende nieuwe bouwconstructies, vooral met het oog op het grondplan, beter toe te passen dan de andere orden.

De Dorische orde levert moeilijkheden met de triglyphenplaatsing, terwijl het kapiteel van de Ionische orde behoort bij een uitgesproken rechte architraafrichting. Het Korinthische kapiteel kan naar vier zijden front maken, en is ook bij rondbouw de aangewezen vorm, temeer, waar het naturalistischer en vrijer van bewerking is, waardoor de ornamentale toevoegingen aan het hoofdgestel, die het kapiteel veroorlooft, het geheel een rijkeruiterlijk Fig. 211. kunnen geven.

Het basement is een veranderd Attisch; de trochilus snijdt dieper in en bovendien wordt een plint toegepast. Ook komt zeer dikwijls een vorm voor, samengesteld uit het Attische en Aziatisch-Ionische; in dit geval bestaat het uit een plint, 2 groote trochili, waartusschen een kleine torus, alle onderling door astragalen verbonden. In Fig. 206. 13. bijzondere gevallen is het basement buitengewoon rijk, hoewel onlogisch, versierd, terwijl soms direct boven het basement een akanthuskelk volgt, waaruit de schacht als 't ware opgroeit. De hoogte van het basement is V2 zuildoorsnede.

De schacht zelve is gecanneleerd als de Grieksche, of wel geheel glad. Ook allerlei buitennissigheden komen Fig. 209. voor, als gewonden canneluren, schubvormige versieringen, rankenornamenten, terwijl in enkele gevallen de schacht met mozaïk is overdekt. De ranken stellen klimplanten voor, als wingerd en klimop. De over het onderste

Fig. 214. Romeinsche zolderrozet. Tempel van Mars te Rome.

(Naar Redon).

Sluiten