Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

236

DE BOUWKUNST DER ROMEINEN.

Fig. 241. Reliëf uit den Titusboog.

en te vereeuwigen. Aan het bouwwerk moesten velden worden geschapen, die plaats lieten voor reliëfs, op de veldtochten betrekking hebbend, en voor opschriften, die meestal op de zeer hooge attica werden aangebracht.

Dwars over een straat werd een zware muur aangebracht, waarin de poort werd gebouwd. Stond de poort op een kruispunt van twee straten, dan werd het bijna vierkante monument doorbroken door twee, rechthoekig op elkaarstaande bogenhallen. Al naar de belangrijkheid van de overwinning, waren de poorten meer of minder monumentaal, en in ieder geval zeer verschillend van uiterlijk. De grondvorm is echter steeds een op zware pijlers rustende boog; tegen de pijlers staan dan op hooge postamenten pilasters, halfzuilen of vrijstaande zuilen, waarop het hoofdgestel rust.

Uit den keizertijd zijn ongeveer 125 triomfbogen bewaard gebleven; 30 staan in Italië, 14 in Frankrijk, 6 in Spanje, 1 in Duitschland, 54 in Noord-Afrika en 20 in het Oosten. Fig. 203. De oudste boog, opgericht in 70 n. Chr., is de triomfboog van Titus (4/ 81 n. Chr.), die werd opgericht ter eere van zijn overwinning op de joden en de verwoesting van Jeruzalem. De ééne doorgang wordt overdekt door een halfcylindervormig tongewelf.

Ter weerszijden van den boog staan halfzuilen, die het boven den boog langs loopende hoofdgestel dragen, dat rondom het bouwwerk heenliep. Het hoofdgestel springt voor boven de beide buitenste halfzuilen en over het geheele middendeel tusschen de beide middenste halfzuilen. De halfzuilen staan op hooge postamenten; boven de kroonlijst is een groote attika aangebracht.

De boog van het nu grootendeels herstelde monument is 14.5 M. hoog en 4.75 M. breed. De hoogte van de zuil is meer dan 10, het kapiteel l'/4, de zuil met het postament 15 en de kroonlijst 2ll2 onderste

Sluiten