Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

398

DE ROMAANSCHE BOUWKUNST.

verborgen. De rijen blindbogen van den rijk versierden gevel bevatten een groote menigte reliëfs; inwendig is een fraaie ruimteontwikkeling ontstaan. De Puy-en- Fig. 403. Velay is eveneens door een rij koepels boven het schip overdekt, welke koepels echter niet op pendentiefs rusten. De uit donkere lava en grijze zandsteen samengestelde gevel eindigt in drie topgevels, waarvan de beide buitenste schijnarchitectuur zijn. In den prachtigen arcadengang om den binnenhof van het klooster is boven de bogen mozaïk aangebracht; de sluitsteenen van de bogen zijn met maskers, de kapiteelen met akanthusbladeren versierd.

Fig. 405. St. Front te Perigueux. (Naar foto).

■ : 4. Normandië werd in 911 door

• de Noormannen veroverd. Het ornament is primitief als het Vroeg-

Noorsche, en hoofdzakelijk geometrisch, als het Keltische. De sombere, massale kerken, zonder kooromgang of kapellenkrans, zijn zuiver van verhoudingen; de zijbeuken zijn achter den dwarsbeuk verlengd. Zuilen werden niet toegepast; op de zware pijlers rusten zesdeelige kruisgewelven, die in Normandië voor het eerst de ton- en koepelgewelven boven den hoofdbeuk vervingen. Het zesdeelige gewelf heeft 6 gewelfvelden, die ontstaan door tusschen de vier hoofdpijlers twee tegenover elkaar staande tusschenpijlers te plaatsen, waarop een nieuwe boog rust, evenwijdig aan de dwarsbogen. Boven de zijbeuken in den hoofdbeukmuur zijn tciforiën uitgespaard, een dwerggalerij of loopgang vormend, die tot den zolder onder de lessenaarsdaken der zijbeuken toegang geeft. De kruising is overdekt door een 8-deelig verhoogd gewelf; hierboven verheft zich een zware toren, terwijl ook aan de Westzijde een tweetal zwaardere torens werden geplaatst, die, gesteund door zware steunbeeren, den gevel in drieën schijnen te deelen. De hooge, smalle rondboogvensters zijn tusschen de lisenen geplaatst, die, verder buiten het muurvlak uitstekend, bijna overgaan in steunbeeren.

De oudste kerk is de Abdijkerk te Jumièges, begonnen 1067; terzelfdertijd verrezen te Caën de Drieeenheidskerk (1066) en de St. Etienne, gesticht door Willem den Veroveraar en zijne echtgenoote. Aan de Drieëenheidskerk zijn reeds de in het latere Gothische tijdvak veelvuldig gebezigde luchtbogen toegepast, die, over de zijbeuken heenloopend en de gordingen dragend van de zijdaken, den zijdelingschen druk van de gewelven op de hoofdbeukmuren ondervangen. Het groote hoofdportaal, pet het door symbolisch ornament versierde hoogveld, ligt in het middendeel van den gevel, en wordt door twee zware, stoere torens geflankeerd.

Vermeldenswaard zijn nog de A b d ij k e r k te B o c h e r v i 11 e en de in de 2' helft van de 12e eeuw gestichte kathedraal te Bayeux, die een Vroeg-Gothisch koor bezit. Wat Parijs betreft, het centrum van lle de France, Champagne en Orleanais, is nog slechts de St. Geneviève te Parijs (1068) Romaansch. In deze

Sluiten