Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

400 °E ROMAANSCHE BOUWKUNST. SS

en viel dus voor de Middeleeuwsche kunst niet meer zoo'n groot veld te ontginnen als elders. Bovendien werkte gemis aan politieke eenheid in Italië een gelijkmatige ontwikkeling van den kerkbouw tegen: de bloei van de steden localiseerde de kunst, terwijl, na de groote volksverhuizing, Noordelijke invloeden niet meer geweerd konden worden. In Lombardije, eens door de Longobarden onderworpen, kreeg de versteende Byzantijnsche bouwkunst nieuw leven, terwijl in 't Zuiden, waar eens de Noormannen regeerden, de Oud-Christelijke vormenleer herleefde. Alleen bleven in tegenstelling met de meer Noordelijke gebouwen, de Italiaansche lichter en minder somber.

De kerken zijn meestal T- of kruisbasilieken, mèt of zonder galerijen en met een veelhoekigen kruisingstoren; de klokketoren, campanile, werd evenals vroeger, zonder verband met het gebouw, afzonderlijk ernaast opgetrokken. In Toskane ontbreekt de krypt, in Lombardije en Zuid-Italië is ze zeer rijk opgevat. Pijlers en zuilen, soms afwisselend, vormen de steunpunten. Algemeen is de overdekking, behalve in enkele Noord-Italiaansche, onder Franschen invloed staande kerken, samengesteld uit kruisgewelven, hoewel ook de vlakke zoldering en zichtbare spanten en binten met voorliefde worden toegepast. Uitwendig is de

Sluiten