Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE GOTHISCHE BOUWKUNST. 443

Fig. 441

met diepe hollen, waarin bij rijkere portalen beelden geplaatst werden. Ieder beeld is overdekt door een baldakijn, dat weer dient als console voor een hooger staand. Zoo zijn de tot aan den top van den spitsboog doorloopende hollen door rijen beelden gevuld.

Het rechthoekige deel is door een zwaren post in tweeën gedeeld, die tevens het driehoekige hoogveld ondersteunt; dit hoogveld is met reliëfs versierd, of, bij uitzondering b.v. aan de kathedraal te Reims, is het gevuld door een roosvenster. Meestal is de gevel door de 4 zware steunbeeren van de beide torens in drie groote partijen verdeeld; ieder dezer partijen bevat een portaal. Indien de portalen zeer ver vooruitspringen, zooals te Reims, worden de diepe nissen door een zadeldak afgedekt, waarvoor een tympan moest geplaatst worden, een topgevel gevuld met maaswerk. Ook de eindgevels van den dwarsbeuk krijgen portalen. De boogvorm van het portaal verandert,

evenals die van de vensters:

Fig. 463. Munsterkerk te Ulm

spitsboog, ezelsrugboog, segmentboog, en, heel laat, ook rechthoekig boven met een kwartcirkel als overgang naar het vertikale deel. 12. Wimbergen. De spitsboog van portalen en vensters

wordt ingesloten door een drie- • > 111 j : Fig. 447.

hoek, een werkelijk of schijnbaar tympan, dat, met traceerwerk gevuld, het portaal of venster grooter maakt. De

wimbergen van de lichtbeukvensters onderbreken de horizontale daklijst. De helling van de zijden wordt grooter, naarmate de stijl zich verder ontwikkelt; de kanten zijn met Fig. 445. hogels, de top is met een kruisbloem bezet. In de LaatGothiek wordt de wimberg ook als ezelsrugboog gevormd, Fig. 466. en in de kunstnijverheid vormt ze dan, liefst door elkaar gevlochten, een veel toegepast motief. 13. Steunbeeren zijn de muurverzwaringen daar, waar de gewelfribben samenkomen; ze dienen dus als tegendruk Fig. 469.

Fig. 462. Torenspits van de 5 Bakenesserkerk te Haarlem. 2

Sluiten