Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

354

ARTIKEL 12.

(1) De aanvraag om toelating tot de geneeskundige afdeeling der school geschiedt door tusschenkomst van de Hoofden van gewestelijk bestuur aan den Raad van Bestuur, die omtrent de al of niet toelating beslist, nadat de candidaten, zoo dit vereischt wordt, hebben voldaan aan het examen, vermeld in artikel 11 sub b 3°, en lichamelijk geschikt bevonden zijn.

(2) Bij de aanvraag om toelating worden overgelegd de bewijzen, omschreven in artikel 11.

ARTIKEL 13.

(1) De toelating tot de beide afdeelingen der school heeft plaats éénmaal 's jaars, na afloop van de groote Mohamedaansche vasten, doch kan bij uitzondering ook in den loop van het schooljaar plaats hebben, wanneer een geschikte candidaat zich tusschentijds aanmeldt en van hem verwacht kan worden, dat hij met vrucht de verdere lessen zal kunnen volgen.

(2) De reiskosten, ook voor de terugreis, ^der candidaten voor de geneeskundige afdeeling, die opgeroepen zijn, maar niet worden toegelaten, worden hun vergoed op de wijze als bij het Reglement in Staatsblad 1882 No. 187 is bepaald voor kweekelingen der school.

(3) Zij die als kweekeling tot de school worden toegelaten, zijn verplicht, te zamen met hun vader of voogd, zich hoofdelijk en schriftelijk te verbinden, om, indien zij wegens eenige andere reden dan welbewezen ziels- of lichaamsgebreken binnen 10 (tien) jaren na hunne benoeming tot Inlandsch arts of zooveel meer dan 10 jaren als hunne opleiding meer dan 9 (negen) jaren heeft geduurd, uit 's Lands dienst worden ontslagen, eene som van ƒ 5800.— (vijf duizend acht honderd gulden) op eerste aanmaning door of van wege den Directeur van Onderwijs, Eeredienst en Nijverheid, in 's Lands kas te storten.

ARTIKEL 14.

(1) De kweekelingen genieten, behalve eene toelage ter bestrijding van de kosten hunner voeding en kleeding, kosteloos

Sluiten