Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Want vergaan was de verschijning der Godheid in de zielen der menigte, en niet meer onmiddellijk voor wie ze genoten in de oude openbaringen der epische kunst, vergaan haar heerlijkheid met den duidehjken Dag, die haar eens had omluisterd.

Zoo wekte in hen als verlangenden het lyrisch vermogen de devote beschouwing der oude Epiek.

Maar deze kracht maakte een tegenkracht wakker, die sluimerde sedert de vorige eeuw: het vertrouwen in de proefondervindelijke waarneming en de illusie van de almacht der zintuigen, een illusie, uit haar wezen den klank vijandig, als het verdorrende vuur aan het jubelende water; en bedwelmd door de billijke dankbaarheid der ervaringswetenschappen jegens de illusie, schiepen zij, in wie de tegenkracht machtig was, den waan der werkelijkheid tot God verheffende, uit de liefde tot de dingen, zwaargebouwde werken van niet-terugziende epiek, en angstig-scherpe waarneming, in een horizon van machtige somberheid en hardverachtenden lijdensweedom, waarin iets naluidde van Schopenhauer's bittere wijsheid en menschenverachting — tot gedijïng van den klank en roem der woordkunst, waarin zij een kunstig-vibreerend of massief-onbewegelijk leven schiepen van de uiterlijkheid der dagelijksche dingen.

En overeenkomstig het wisselvermogen der gehoors- en gezichtsorganen en hun uiterst gevoelige mededeelzaamheid, die een kenmerk is van de kunst dezer eeuw, verlangen de kunsten der beide organen de omhelzing en doordringing, de een van de andere, en bezielt de werken der klankkunst in woord en toon het beeldend verlangen,

34

Sluiten