Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

litanieën van weedom en angstigen deemoed, de ziel van Hans Sachs, Jacob Böhme, Albrecht Dürer en Memlinck, herleefd in dien eenen, en uitgeluidend in een wijdruischend tonenheelal, dat zich regenboogwelft aan den hemel der eeuwen. Vreemd, deze ziel van robuust-naïeve innigheid, deze kunst van scholastiek en mysticisme in dien tijd van kleine rococo-beweging, klein-burgerhjk piëtisme »), anti-natuur, de Germaansche volksziel te midden der Italiaansche décadence, en bijna een eeuw moest verloopen, voordat wederom zulk machtig vermogen van toonbouw, zoo grootekracht, van klagen en juichen zou worden gegrift in het boek der Wereldmelodie, de periode van Bach tot Beethoven, waarin zou worden voltrokken de mystische metamorphose van dansmelodie tot instrumentale lyriek, van dansmelodie, die werd, van zinnebeeld der lichaamsbeweging, symbool van zielebeweging; de dans, gebeeld en geïdealiseerd tot muzikale abstractie, het werk van Bach's zoon Emanuel, die den roem van zijn vader verduisterde in de XVIIIe eeuw, de schepper der miniatuurkunst en vinder der muzikale architectonische symmetrie op het voetspoor van Scarlatti, Couperin en Corelli, en zijn werk de Piano-sonate, het mondaine muziekwerk, de kunst van den achttiende-eeuwschen Salon, het zelfbehagen van den klavier-dilettant, door Haydn en Mozart in het strijkkwartet contrapuntisch verfijnd tot gracelijk tonenspel van bekoorlijke spontaniteit, en de minder rhythmische, meer lyrische deelen, reeds

*) Zinzendorf.

46

Sluiten