Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de natuurwetenschappelijke wereldbeschouwing is geestelijk leven niets dan een psychisch verloop; de reeks van bewustzijnsverschijnselen is slechts een nevenverschijnsel van physiologische, vnl. hersenprocessen, en physiologische processen zouden zonder rest herleidbaar zijn tot physisch-chemische, en deze op hun beurt weer tot mechanische processen. „Werkelijkheid komt uitsluitend toe aan kleinste deeltjes, hoe ook genaamd, die geen andere dan geometrisch-mechanische eigenschappen bezitten, èn hun plaatsverandering in de ruimte, die door de telkens daaraan voorafgaande verandering volkomen bepaald is. De wetenschap, die ons de wetten van het mechanisch gebeuren laat kennen, is de wetenschap van de werkelijkheid: haar kategorieën zijn werkehj'kheidskategorieën. Haar kategorieën zijn de éénige werkelijkheidskategorieën, want de werkelijkheid gaat volkomen op in het oorzaak en gevolg zijn binnen het mechanisch verloop. Zij is dus de eenige ware wetenschap. De kennis, die zij verschaft, is volledig en absoluut. Zij valt samen met de metapbysica." *)

Vandaar dan ook, dat door den mono-materialist op het gebied van de geheele levensleer de allee nheerschappij van de mechanische natuuropvatting gehuldigd wordt: er bestaan in de wereldruimte slechts met geometrisch-mechanische eigenschappen toegeruste en slechts overeenkomstig mechanische wetten op elkaar inwerkende atomen. „Das ist für den Materialismus nicht nur die höchst erreichbare, sondern auch die absolute und vollstandige, die Gesammtheit des Seienden umfassende Wahrheit; weiter kann das menschliche Denken nicbt gelangen, nicht weil das Weitere für dasselbe unerreichbar ware.jsoadem wei! soviel wir wissen und vermutèn

können, ein Weiteres nicht gibt."

Ter verklaring van de verschijnselen' op het gebied van het geestelijk leven bedient de materialistische wereldbeschouwing zich ten slotte van een vergelijking, ontleend aan de mathematische natuurwetenschap, waar deze onderscheidt tusschen den verschijningsvorm, dien men ontmoet als de gangbare voorstelling van het dagelijksch leven en den werkelijken inhoud, die door de

') Aldus De Sopper, Naturalisme en levensfilosofie, blz. 4.

Vgl. Bernard Bosamquet, The philosophical theory of the State, blz. 28: „Materialism, in a striot philosophical semse, means the conviction, that nothing is real but that which is aoiid, or, perhaps, which gravitates."

35

Sluiten