Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«inde toe te volgen, en ook het geld- en kapitaalbegrip van Marx aan een vernietigende kritiek te onderwerpen, wat hij dan ook — en dit strekt hem als wetenschappelijk man tot eer —, tot de uiterste consequenties gedaan heeft.

Ik waardeer in alle opzichten wat Kuyper schrijft, dat „op de hoogste toppen van de wetenschap, waar ook Marx troonde, en waar het, zooals Hegel zeide, „schliesslich einsam sein muss," dat op die hoogste toppen der wetenschap zeer zeker gedwaald wordt;" waar nu echter Kuyper vervolgt, dat „op die hoogste toppen niet de botte vergissingen voorkomen, die zoovele critici aan Marx toeschrijven,"*) heeft hij in zijn kritiek op Marx' waardeleer niet een voorbeeld gegeven, waarin dit hooge standpunt tot openbaring komt, en dat ter navolging kan dienen.

Ik wil dit hoofdstuk, waaruit het afgeronde karakter van Marx' arbeid duidelijk spreekt, besluiten met de opmerking, dat de lezer nu zelf de oplossing kan vinden van de leerstukken, die hunne korte uitdrukking vinden in omschrijvingen als kapitalisme, militarisme, marinisme, klasse-justitie, moderne kolonisatieleer, enz.: in wezen zijn deze niets anders dan benamingen voor min of meer samengestelde waardeverhoudingen, waardeverhoudingen als het ware van hoogere orde, nationaal en internationaal geconstrueerd, die echter weer alle kunnen worden teruggebracht tot de enkelyoudige waarde-idee als den eeonomischen celvorm.

Elk maatschappelijk verschijnsel vindt zijn oplossing volgens Marx in zijn waarde-theorie, en dit is ook volkomen logisch doordacht, omdat die waarde-idee zijn gestolde levens- en wereldbeschouwing is: in Tiaar ligt even goed de verklaring van het feit, dat „er een bestendige overbevolking is, d.w.z. een overbevolking in de verhouding tot de oogenblikkelijke behoeften van het kapitaal, ofschoon zij uit wegkwijnende, snel afstervende, elkaar haastig verdringende, om zoo te zeggen onrijp geplukte menschengeslachten haar stroom vormt", als van zeg bijv. „de verandering, door het Protestantisme, van bijna alle traditioneele feestdagen in werkdagen." 2)

i) Vgl. Van burgerlijke staathuishoudkunde tot proletarische maatschappijleer, blz. 30.

*) Men vergelijke in dit verband de omschrijving, die Lenin gegeven heeft van het Internationale Gerechtshof in Den Haag, hierboven op blz. 91, noot 1 -vermeld.

289

Sluiten