Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

58. Talam. Versieringsmotief: alsvoren. Fond gegreind. Diam. 59 c.M.

59. Wajrasattwa. In de rechterhand behoorde hy den Wajra, in de Imker de Gantha te dragen. Ondanks het ontbreken van deze attributen, stelt deze figuur toch hoogst waarschijnlijk een nog onbekenden vorm voor van dezen, in het Tantrisch Buddhisme een zeer hoogen rang bekleedenden Bodhisattwa voor. Hy is ryk getooid met halssnoer, oorhangers en versierden sarong, terwijl hy gezeten is in Subactieve houding op een bronzen voetstuk, met in- en uitspringende lijstjes, opengewerkte figuren aan den teerling en antefix-achtige ornamenten langs den bovenrand.

Zilver. Hoog met voetstuk 13,5 c.M. Zie afb. IV.

60. Awalokitecwara. Vierarmig. De rechterhand in Warada-mudra, de linker een lotus-knop houdend. De linkerachterhand houdt een boek, terwijl de rechter het hoofd ondersteunt en bovendien een Akshamala houdt. In den hoofdtooi een Amitabhafiguur.

Zilver. Hoog 8,5 c.M.

61. Ciwa. Staande. Attributen van de achterhanden afgebroken. In de voorhanden houdt hy links de Kundi, rechts de Tricüla (afgebroken). Op het hoofd de vorstenkroon, waarin een maansikkel. Zilver. Hoog 13 cM.

62. Ciwa, staande op een lotus-kussen. Als attributen houdt hy links achter den Camara, rechts achter een afgebroken voorwerp, rechts voor de Tricüla en links voor de Kundi. Over den linkerschouder naar de rechterheup de Upawita. Op het hoofd de vorstenkroon, waarin een maansikkel. Achter

49

Sluiten