Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

192

NEDERLANDSCH VERSRYTHME.

mische neiging beantwoordt, hoe houdt zich dan ons rythrnisch gevoel bij de daarop volgende drieledige maat? Het antwoord moet luiden: hjdehjk. Wij beginnen welgemoed een nieuwe maat, die echter na den derden tel uit bhjkt te zijn, aangezien de volgende noot de grondtoon is, die zich niet als 4e laat gebruiken, maar wederom als begin eener nieuwe maat en als mogelijk rustpunt eischt gewaardeerd te worden. Ons rytlunisch gevoel stelt zich hiertegen in het minst niet te weer; de overtuigende logica van den melodischen gang is afdoend. Het legt zich dan ook geheel bevredigd neer bij een afwisseling van vier en drie tellen, zonder zich intusschen de illusie zijner verdeeling in maten, die dan dus eigenlijk ongelijk zijn, te laten ontnemen.

Niemand zal zich genoopt voelen tot een assimilatie van de drie-maat aan de vier of aan de helft daarvan, b.v.

Dan toch is de door rekking op 4 tenen georacnte ane-maai aan het begin gesteld. Deze zeer gewichtige lange beginnoot beheerscht het rythme, dat zich bevredigend in 2 x 4 teilen verdeelt, tot aan de wederom zeer gevoelige en voor rekking vatbare octave. Maar de 5e noot heeft haar gewicht aan de 4e moeten afstaan, die echter relatief toch reeds voor de zoo sterk begunstigde

Sluiten