Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

7

hem het leven moest kosten, of het gelukte of niet, doet zien, dat het hem om een beginsel te doen was. Het zou gemakkelijk geweest zijn voor een dergelijke derderangsfiguur zich door de vlucht te redden. Boven de vrijheid stelde hij echter het dooden van den man, dien hij als den vijand van het Hongaarsche proletariaat beschouwde. Konden wij wat meer sympathie voor deze figuur voelen, dan zouden wij zijn daad kunnen vergelijken met die van Simson. Opvallend is echter het naieve in zijn poging; den regent kon men toch zeker wel niet in zijn particulier vertrek bereiken met een handgranaat! Hier valt weer het verschil op met Tibor, die middelen en wegen wist te kiezen, en die nooit faalde. De grootere karaktersterkte van Tibor, zijn meerdere intelligentie in vergelijking met zijn broers, blijkt uit zijn overwicht over de massa en de constructie van zijn plannen. Zijn beestachtige wreedheid schijnt eveneens een persoonlijke eigenschap; van zijn broeders is niets dergelijks bekend. Men is geneigd in dit verband te spreken van insania moralis, wat meer classificatie dan verklaring is.

Te verklaren blijft de haat tegen de bourgeoisie, tegen de huidige maatschappelijke toestanden in het algemeen, die deze vier broeders kenmerkt. De haat van Tibor blijkt niet alleen uit zijn optreden onder de revolutie, maar reeds in Rusland uit zijn drijven tegen het maatschappelijke stelsel. Nog vroeger teruggaande, wijzen zijn eigen vroeger geciteerde uitlatingen over zijn verblijf van in het geheel 1% uur aan het front erop, dat hij er niet aan dacht, zich voor burgerplichten op te offeren. De chantagepoging, waarvan hij als journalist werd beticht, zijn verraderlijk optreden tegen zijn kameraden reservisten, is niet uitsluitend als insania moralis te beschouwen, maar ook als uiting van persoonlijke haat, die hem later het parool zou doen uitgeven: „vang de bourgeois bij elkaar en hang ze op". Die haat der jonge Szamuelly's moet haast een gemeenschappelijken achtergrond hebben.

Het milieu, waarin zij opgroeiden, kan hier misschien een verklaring geven. Volgens mijn inlichtingen zijn de voorouders van de Szamuelly's voor een pogrom gevlucht, en zoo in Hongarije gekomen. Een wereld van haat tegen de Christelijke praktijken in Rusland, en tegen de maatschappelijke „orde" daar moeten zij hebben meegebracht. Hun nieuwe vaderland gaf hun wel godsdienstvrijheid, maar geen maatschappelijke gelijkstelling. De dorpsjood in die streken is marskramer; hij ruilt linten, stof, garen, naalden en duizenderlei kleinigheden tegen uien, eieren, veren en andere kleine producten van de

Sluiten