Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

COMMUNISTISCHE PARTIJ

134

de partij echter tevens vele goede, eerlijke strijders verliest. Het meest betreurenswaardige voorbeeld is wel het geval Enschedé, dat, naar wij meenen, op treffende wijze demonstreert, hoe het leidende orgaan eener communistische partij niet moét handelen. Een weinig minder star bureaucratisch vasthouden aan den vorm, wat meer tact en plooibaarheid, en vooral: wat meer verdraagzaamheid voor de meeningen der oppositie, en dit heele „geval" had naar onze meening vermeden of in ieder geval tot veel kleiner proporties teruggebracht kunnen worden. Met hoeveel recht de dichter spreekt: „Es ist die Fluch der bösen Tat, dasz sie stets Böses musz gebaren", dat heeft dit gcval-Enschedé helaas weer bewezen, door op zijn beurt te voeren tot het geval-Zwolle, dat de partij wederom een aantal leden kostte en daarenboven zijdelings voerde tot het individueel bedanken van verscheiden partijgenooten in alle deelen van het land, waarbij evenals bij het zoogenaamd rebelleeren het zoogenaamd rechts of links staan der betreffende personen slechts een ondergeschikte rol heeft gespeeld,

„Tot de verkeerde toepassing door onze leidende organen van dei tactiek van „Moskou" rekenen wij eveneens — in verband met het geval-Enschedé mOet dit met nadruk gezegd worden — de beperking van de meenmguiting en de vrije kritiek ook in 'die gevallen, waarin geen dringende redenen van revolutionair belang haar uitoefening zeer onraadzaam maken. Dergelijke redenen zijn echter tot nu toe in Nederland met zijn slappen, vaak maandenlang sluimerenden klassenstrijd zeer zeldzaam voorgekomen en het leidend partij-orgaan, dat zich op hen beroept, pleegt een daad van onwaarachtigheid. Ten tweede rekenen wij tot dezelfde verkeerde toepassing de waarlijk kleingeestige vitterij en schoolmeesterij, waarbij ook de geringste meeningsverschillen met tot de oppositie behoorende partijgenooten, die in de Tribune of in andere partij-organen hun opinie uiteen zetten, onmiddellijk onderstreept worden. Het kan niet anders, of men moet op deze manier deze partijgenooten irriteeren en ontstemmen; degenen onder hen, op wier medewerking, in de krant men beweert prijs te stellen, worden natuurlijk van medewerking afgeschrikt, wanneer' zij van te voren weten altijd beschoolmeesterd en bevit te zullen worden".

De schrijvers geven dan aan hoe naar hun oordeel verbetering kan intreden.

Wij namen uit dit stuk groote brokken over, omdat zij weergeven wat iedere buitenstaander sedert lang bemerkte en wat nu door eigen leden der C. P. wordt erkend. .Wat wij weglieten doet niets af aan hetgeen hier is weergegeven, niets is uit zijn verband gerukt.

Hun tyrannie. — Men bedenke bij de lezing van dit stuk, en vooral bij het gedeelte dat handelt over de uitgeworpenen te

Sluiten