Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

11

dat de wegen, die daartoe moeten voeren, van elkaar afwijken.

* De eene heeft de groote verdienste nauwkeurig te onderzoeken wat aard en inhoud van het karakter in tegenstelling tot andere menschelijke waarden is en zich daarbij tevens af te vragen hoe men tot de vorming ervan komt; met deze hoogst lofwaardige taak neemt zij echter van het vraagstuk afscheid. *)

De andere heeft niet alleen de niet minder groote verdienste duidelijk en scherp aan te toonen, dat er naast de eenzijdige ontwikkeling van den verstandelijken aanleg opvoeding van den innerlijken mensch van noode is, maar doet tevens ook stappen om die practisch toe te passen; zij voert die gedachten dus meer of minder expresselijk in opvoeding en onderwijs door.

De derde acht de noodzakelijkheid voor ingrijpen zeker niet minder groot. Zij vindt karaktervorming even dringend als zij* de oorzaak der karakterslapte dieperliggend vindt Juist omdat zij deze zoo vast ziet inge* worteld, is zij echter met de prognose nog zoo vlug niet gereed. Ook wanneer men van oordeel is, dat onderwijs en opvoeding aan karaktersterking is dienstbaar te maken, ja, dat deze functie wellicht onafscheidelijk aan pedagogie is verbonden, is h. i. daarmede de zaak nog volstrekt niet afgedaan.

De kwaal zelf wordt door alle drie groepen erkend en versterking van het karakter door alle drie aanbevolen. Tusschen de heldere, levenswarme aanbeveling, den krachtigen, zich evenwel tot hervorming op het gebied van onderwijs en opvoeding beperkenden, en den meer universeel schouwenden gezichtskring moet de keuze vallen.

•) Zij het dan dat er - ook ten onient - leer enkele hoogst lofwaardige roorbeelden bestaan, waarbij strlcte toepassing der leer met zelfopoffering op de ontvouwing der theorie volgde.

Sluiten