Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

80

sociale pedagogie, psychiatrie, rashygiene en het speciaal juridisch-politische, wat hun allen gemeen is, is het doel op te komen tegen het gevaar dat in de menigte de individualiteit in hooge mate kan verminderen of zelfs worden opgeheven. Ook hier dus de prikkel voor de karaktervorming. Terwijl de andere prophylactische middelen dien eisch ook ondersteunen, moet het juridisch-politische deel het zonder twijfel voor een lof- of belooningsrecht opnemen, inzooverre dit het dubbele doel inhoudt, krachtige karakters te verdedigen en groote onrechtvaardigheden te herstellen.

ยง 2.

De rechtshistorische zijde van het vraagstuk.

Geeft de geschiedenis van het Recht geen voorbeelden van een vorm van het lof- of belooningsrecht? Hoewel ik geen wetgeving heb kunnen ontdekken waarin dit recht in een geheel passenden vorm voorkomt, - schijnt de rechtshistorie toch verschillende aanwijzingen te bevatten voor de veronderstelling dat de belooningsidee in het algemeen dikwijls naar voren is gekomen; misschien moet men zeggen dat zij niet dikwijls geheelenal ontbroken heeft. In ieder geval zijn et een vijftal verschillende periodes, gedurende welke deze gedachte zich meer of minder duidelijk heeft geopenbaard.

Om te beginnen vertoonde de belooningsidee zich in de oudste wetgeving die bekend is. De wetgeving van Hammourabi van Babylonie bevat er de trekken van. Men kent de waarde van die wetgeving, product van een zeer belangrijke cultuur. Heel wat belangrijker dan men dacht alvorens eenigermate de Babylonische of oud-Oostersche philosophie te kennen, die karaktertrekken vertoont, welke ons verbazen en er ons toe brengen, zoowel door Delitzsch als door anderen geleid,

Sluiten