Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

105

Ernstiger schijnt de mogelijke tegenwerping dat het voorgestelde instituut tegen het tekort van waardeering van werkelijke verdiensten toch niet zou helpen, omdat de beslissing daarover altijd feilbaren menschen bleef toevertrouwd. We betwijfelen daarom het groote gewicht dier bedenking omdat door de invoering van het lofrecht althans die verbetering te verwachten is, dat bij al te slechte toepassing de openbare meening zich zonder twijfel evenzeer daartegen keeren zou als zij dit thans gewoon is tegen hoogst onbillijke straf' rechtelijke beslissingen te doen. Maar, hoewel vooral hier de neiging van overdreven bezwaren bestaat, geven we tot zekeren hoogte toe dat de moeilijkheid van toepassing der belooningsidee bestaan kan. Vooral bij Bentham kan men, als men hiervoor stof wil verzamelen, terecht Terwijl de aan hem voorafgaande schrijvers, die van belooningen spraken, vaak overdreven, óf door van oordeel te zijn dat men de staten geheel en al als scholen kan beschouwen óf door belooningen geheel en al te verwerpen als te weinig schitterende motieven of als systemen van begunstiging en corruptie, is het toch immers Bentham, die in zijn Théorie des récompenses in het geheel niet overdrijft Hij onderzoekt de gevalleu dat de belooning een behoorlijk of zelfs noodzakelijk middel is en waar ze overbodig of schadelijk is. Hij onderscheidt de diverse soorten diensten met het oog waarop de belooningen worden toegekend, maakt de onderscheidingen waaruit de belooning is samengesteld en stelt de parallel vast tusschen straf en belooning. Overtuigd, dat er schadelijke belooningen zijn — die welke de neiging hebben delicten ts doen ontstaan of verkeerde neigingen te produceeren — en overbodige belooningen — in de gevallen waar de natuurlijke belooning voldoende is om het gewenschte gevolg te produceeren — geeft Bentham de twee volgende regels:

Sluiten