Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

30

AMAZONE.

— Toch wel op sommige menschen, zei de schilder met een gebaar van hoffelijkheid. ':

— Ah, dat is uw eerste vleiende plichtpleging; dat moet gij niet doen, daar is uw geest te goed voor.

— Dat dien ik nu ook wel voor eene vleiende plichtpleging aan te zien.

Vroolijk lachten zij hierover, tot Aisma aan Marciana vroeg:

— Neen, in ernst, zoudt gij hier kunnen leven, hoe betooverend het hier is?

— Ik zei „voor een poosje"; neen, lang niet. Ik voor mij heb behoefte aan menschen en leven. Als de geest eenmaal bewerkt is, heeft hij voortdurend voedsel noodig. En dat voedsel moet hij buiten zich vinden. Die te lang alleen leeft, verteert zich zelf, tot hij opgeteerd is.

— Die monniken van de Certosa zagen er toch alles behalve uitgeteerd uit.

— Nu ja, vet hebben zij, — maar hebben zij nóg hersens?

Zoo speelden hunne gesprekken langs den weg, tot hun oog weer geboeid werd door de grootsche of bevallige natuurtooneelen van wat Marciana de „lieve rotsidylle" genoemd had.

Maar de tijd gunt slechts een kort verblijf, tenzij het zoo echt Italiaansch karakter der plaats u lokt tot langer vertoeven. Thans noopte de stoombootbei weer tot inschepen.

Langzaam verflauwt dan weer in het verschiet

Sluiten