Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AMAZONE.

31

het groote rotsblok met de kleurige figuurtjes en de huisjes, als schelpen op eene klip gegroeid, en de hooge punt waarop de villa van Tiberius stond.

Ada lag, even als op de uitreis, binnen op eene sofa, half vreezend voor de werking der zee, half daardoor aangetast. Van Walborch zat in zijn Horatius, zijn brevier, zoo als hij zeide, te bladeren, tot dat hij voor de honderdste maal die rythmen zijner grandiloquentia genoot, die men niet vertalen kan zonder de muziek te verbreken1):

Hem was de borst verhard, van drievoud brons Ompantserd, die het schip, het ranke aan 't wreed Der zee betrouwen dorst [geweld Het eerst.

't Was ijdel dat eens goden zorg De aard van 't onherbergzaam meer Afsneed, als 't vaartuig toch vermetel Verboden waterbanen overschrijdt.

Maar de golven- begonnen hooger te gaan, het schip slingerde met lange breede gangen, de wind zwol voller op, en van Walborch legde sich, on-

*) Illi robur et aes triplex

Circa pectus erat, qui fragilem truci Commisit pelago ratem

Primus. Nequicquam Deus abscidit

Prudens oceano dissociabili Terras; si tarnen impiae

Non tangenda rates transiliunt vada.

Sluiten