Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

76

wordt, verzwakt, alle levenskracht, die niet ontwikkeld wordt, verschrompelt.

In de ontzaglijke holen van de Oostenrijksche provincie Kartner en van den Amerikaanschen staat Kentucky, leven bijzondere soorten van insekten, ratten en zelfs visschen (er zijn hier namelijk ook kleine meren en rivieren). Al deze dieren, die tot de meest verschillende afdeelingen en klassen van het dierenrijk behooren, zijn in dit opzicht aan elkander gelijk, dat ze volkomen blind zijn. Bij die dieren, welke dicht bij den ingang der grot leven, 'vindt ge nog oogen, — die echter machteloos zijn, — bij vele diersoorten, die in de diepte der holen leven, ontbreken ook de organen van het gezichtsvermogen. Gedurende eeuwen is onder de gewelven dezer holen geen enkele lichtstraal doorgedrongen. Deze visschen en ratten 'hebben dus een gezichtsorgaan nooit gebruikt, noch geoefend. Het is allengs verzwakt en ten slotte afgestorven.x)

De adelaar, die op de bergtoppen leeft, heeft zijn gezichtsvermogen zoodanig geoefend, dat hij ver in het dal de kleinste prooi ziet, en in het licht zijn de oogen zoo verscherpt, dat hij de zon in het aangezicht kan zien.

Zoo is het ook in de geestelijke wereld.

Het verlichte, zedelijke, gevoel stelt den mensch in staafde fluistering van Gods stem in zijn ziel te hooren, en het goddelijke in de openbaring, ja God zelf, te zien. Jezus zegt: „Zalig zijn de reinen van hart, want zij zullen God zien."

De verwaarloozing van de zedelijke funkties, daarentegen, leidt tot geestelijke blindheid, afstomping van het gevoel voor alle hoogere en heilige dingen.

Van deze menschen geldt de profetie, die Jezus aanhaalt uit Jesaja: „Met het gehoor zult gij hooren en geenszins verstaan, en ziende zult gij zien en geenszins bemerken. Want het hart van dit volk is dik geworden (verstokt), en zij hebben

') Witkowsky: „Ueber den Ozean", bl. 252.

Sluiten