Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

114

Wanneer men deze gevoelens maar niet verstikt, doch als men ze ruimte geeft, ze in de ziel laat wortelen en ontwikkelen, zoo kunnen ze het leven verheerlijken met een verblindende schoonheid. *)

Dit rijk Gods onder de menschen kan op ieder oogenblik tevoorschijn treden.

AHeen, — het moet gezegd, dat het menschensoort, dat thans in onze maatschappij voorradig is, voor dit nieuwe leven niet schijnt te deugen. De menschen van dezen tijd moeten totaal geestelijk worden vernieuwd. Bij hen moet het komen tot een grondige verandering in de waardschatttng der dingen,s) — zij moeten leeren inzien de onvolkomenheid, ja laagheid, van hun vroeger levenspeil, — ja, zij moeten aanbiddend zich buigen voor de nieuwe levensschoonheid, voor den geest der waarachtige, allesomvattende evangelische liefde, — voor de vrede-ademende zachtmoedigheid van Christus.

In het evangelie wordt als de volstrekte voorwaarde van de levensverandering genoemd de plicht in zich het vóórbeeld van den mensch te laten weerspiegelen, — de plicht zich

De Duitsche vertaler maakt hier, In een noot, de opmerking, dat Petrow het semipelagiaansche standpunt (de vrHe wil ten goede) aanneemt Hierin is hij in overeenstemming met de dogmatiek der GriekschOrthodoxe (Russische) kerk. - Wij voegen hier aan toe, dat Petrow, met een eelukkige inkonsekwentie, zoowel in de voorafgaande uiteenzettingen als in het betoog, dat hier onmiddellijk volgt, de noodzakelijkheid van een herschepping der ziel bepleit Hetgeen hij te dezer plaatse zegt heeft ten doel tegenover de eenzijdigheid in de leer der menscheliike onmacht, ook eens te wijzen op de zedelijke faktoren, die door Gods algemeene genade, nog in de menschenziel werken, b. v. bij. Grieksche idealisten als Plato, bij de Stoïcijnen, bij mannen alsPlato en Itont. bij Tolstoï en Ellen Key, bij zoovelen die door hun actie vóór wereldvrede, en tegen de verwildering, zoo schitterend, baanbrekend» en voor positieve christenen soms beschamend, aan den dag kunnen treden Het rijk Gods heeft aan deze humaniteit dikwijls meer te danken dan aan de slapheid en werkeloosheid van sommige zéér rechtzinnige broeders". Vast moet echter blijven staan, dat in de zaak der waararfittee bekeering tot God deze humanistische stroomingen nooit den doorslag kunnen geven. Zij leiden den mensch niet tot den deemoed en

h% DeUschrijver doelt hier op Nietzsche'sVUmwertung aller Werte". W.

Sluiten