Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

136

Dezelfde bijbel, die ons leert te zoeken wat boven is, geeft ons ook het gebed om het dagelijksch brood.

Het evangelie verbiedt niet hef gebruik der stoffelijke dingen, maar de eenzijdige toespitsing van de belangstelling erop, het opzettelijk jagen er naar, het evenredig genieten ervan.

Reeds de oude Sokrates zei: Men moet eten om te leven, — terwijl velen de orde omkeeren en leven om te eten.

Velen zoeken niet de voeding, maar den prikkel. Het voedsel moet de meest geraffineerde smaak-wellusten dienen, — en in werkelijkheid wordt de mensch de dienaar van de materie. Hij maakt van zijn buik een god. En deze god verslindt alle geestelijke krachten, — maakt van den mensch een egoïst.

Een egoist.

Oesters met Straatsburger leverpastei, bespoeld met de fijnste wijnen, — zulk „profiteeren," — terwijl dichtbij anderen hongeren, of zwart zien van ellende en strijd om het bestaan, — is even schandelijk en misdadig als een dolle dans bij een brandend huis-vol-menschen, of als een dronkemansgelag bij een sterfbed.

En toch gebeurt een dergelijke daad van waanzin ieder oogenblik.

Wanneer de mensch niet meer genoegen neemt met den drank, die eenvoudig zijn dorst lescht, dan is hij onvermoeid in het uitvinden van allerlei genots- en prikkeldranken, die gansch andere hartstochten eerst moeten opwekken, en dan bevredigen.

Wat God geordineerd heeft als een behoefte, maakt de mensch tot een slechte gewoonte van overdaad, en deze overdaad wordt tot een onverbiddelijken tiran, die de beste zielekrachten in zijn dienst stelt.

Al deze overdadigheden en uitspattingen, — waarvan wij er nu maar een enkele noemden, — houden de ziel van den

Sluiten