Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV

Hoezee! daar jaagt het heksenspan

Dér dolle regenbenden an!

Ze dragen sneeuwen hoozen,

Een rok van waterrozen,

Een schel blazoen, een felle speer,

Aan ied're steek een r ave veer...

Ze blikken op noch onune,

Lijk een bezeten dronune

Ze suizen over struik en blom

En slaan de bange boomen krom...

Berg weg, berg weg uw leven 1

Het is haar al om t even.

En wilt ge niet, al goed, al goed,

Ze rijde' u schaat'rend onder heur voet 1

De vaart schiet zwarte vlerken aan,

Wil uit zijn donker bed vandaan

En heft zich boven 't gele riet

En huilt zijn eigen zegelied

En werpt zijn brosse schuimen

Lijk uitgewaaide pluimen

En steigert aan den steilen wal

En slaat terug in boozen val

En dindert op in stroomen

En kan niet hooger komen;

De rosse ruiters daav'ren rond

En springen in zijn zwarten mond

En dansen op zijn duister oog

En spannen hem een zilverboog

En roetsen voort en verder

Lijk kudden zonder herder...

De luchte leeft van perelsop,

Hetklettert van heur speren op,

Ze klirren met heur sporen

Weerszijên van den toren

En steken hem in éénen klap

83

Sluiten