Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I j De Schoolmeester, Gedichten van — met al de oorI j spronkelijke illustraties, en de voorrede van Mr. J. van Lennep, 3e druk, 9e-lle duizend.

I. 1.20 C. 1.70

: •

ï : Jules Schürmann, Uit de Stilte en andere gedichten.

Met voorrede van Willem Kloos. 1. 0.80 K. 1.60

„Dit is wel het hoofdkenmerk van Schürmann's verzen dat zij zoo eenvoudig weg uit een ziel schijnen uitgestroomd, als waren zij geen menschenwerk, maar de uiting van een magische kracht." De Avondpost.

Nico van Suchtelen, Verzen, dramatisch, episch, lyrisch. I. 0.95 C. 1.45 L. 1.60

„Er zingt door den ganschen bundel heen een krachtige levenswind, nu zacht — als de zuidewindsadem over de lentebloemen — dan forsch en mannelijk — als de zeewind over de duinen." Onze Eeuw.

Helene Swarth, Roemeensche Volksliederen en Balladen, naar de Fransche proza-vertaling van Hélène Vacaresco. I. 1.20 C. 1.70 L. 1.85

„Heel de natuur leeft, handelt, denkt en voelt met de menschen mee in deze verzen van een, tot rooden harts-

E : «»s.:<. i..ji.n v 7?r.tt r.4

I 1

Verzen. C. 1.05

.... „Een prachtige bundel...."

Dr. Walch in Het Vaderland.

Nieuwe Verzen. 1.1.20 C. 1.70 L. 1.85

„Altijd opnieuw welt de dichterlijke muziek uit haar hart." Onze Eeuw.

„Rijpe verzen van iemand die het leven tot in de kern heeft doorproefd." Delftsche Courant.

J. Winkler Prins, Gedichten, met portret van den dichter. Verzameld en ingeleid door J. Reddingius.

I. 0.95

„Prins is in meer dan één opzicht een zeldzame verschijning geweest in de letterkunde van Nederland."

De Volksstem.

Sluiten