Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en de tijd der duisternis. Maar ik kan zeggen als gij — wat deren

mij jaren van vernedering? Ik heb het heele Westen zien opstaan om mij te helpen. Ik heb Jeruzalem zien veroveren door geharnaste mannen uit Europa, die hierheen trokken om mijnentwil. Ik heb uw moskee in een Christenkerk zien veranderen en de kruisvaarders hebben op u, o rots, een altaar opgericht. Ik heb de kruisridders hun paarden zien binnenbrengen in het gewelf onder de tempelplaats."

De oude rots verhief haar stem en zong, zooals een derwisch in de woestijn zingen zou.

Maar de kerk liet zich in haar woordenstroom niet storen.

„Ik herinner me hoe de ridders uit het Westen hun harnassen aflegden, en naar den troffel en de kalkschop grepen, om de heilige kerk te herbouwen. Ik herinner me hoe ze het grauwe rotsgraf met wit marmer bekleedden van binnen en van buiten."

De oude rots sprak. „Wat baat het u, dat de kruisvaarders u bouwden, nu zijt ge toch opnieuw vervallen.

„Ik ben vol herinneringen en heilige plaatsen!" riep de grafkerk uit met luider stem.

„Ik kan binnen mijn muren den olijf aanwijzen, waarin Abraham den ram verward vond, ik kan de kapel aanwijzen, waar Adams schedel begraven werd. Ik kan Golgotha aanwijzen en het graf en den steen, waarop de engel zat, toen de vrouwen kwamen om den doode te beweenen. Binnen mijn muren is de plaats, waar keizerin Helena zat, om de arbeiders aan te moedigen, en de plaats, waar 't kruis gevonden werd. Ik bezit de pilaar, waar de gekruiste zat, toen hij met doornen werd gekroond, en den balsemsteen, en Melchizedeks graf. Ik bezit het zwaard van Godfried van Bouillon. Ik word nog altijd vereerd door Abyssiniërs, door Armeniërs en Jacobieten, door Grieken en Romeinen. Ik ben met pelgrims bezaaid —"

De oude rots viel in: „Wat meent ge wel, bergtopgraf, wier ligging niemand kent? Wilt ge u meten in beteekenis met de eeuwige rots? Is 't soms niet op mij, dat men Jehova's heiligen, onuitsprekelijken naam geschreven vindt, dien niemand dan Jezus heeft kunnen ontcijferen? Is 't niet in mijn tempelhof, dat Mohammed op den jongsten dag zal neerdalen?"

Toen de strijd tusschen de beide kerken op deze wijze in heftigheid toenam stond Mrs. Gordon op. Zij vergat, dat haar stem geen kracht had zich te doen hooren, tegelijk met die twee machtige stemmen.

„Wee u, wee u!" riep ze uit. „Wat zijt gij voor heiligdommen? Ge twist en strijdt, en door uw twisten is de wereld vol strijd en haat en vervolging. Maar Gods laatste gebod is eendracht. Hoort ge het? Gods laatste gebod, dat ik heb ontvangen, is E e n-

202

Sluiten