Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan dat de Engelsche methodisten-predikant vermeed ze te groeten, of dat de vrome Sionszuster, die in 't klooster van den EcceHomo-berg woonden, naar de andere zijde van de straat gleden, als ze hen tegenkwamen, alsof ze vreesden door iets kwaads besmet te worden door hen te naderen.

Geen van de kolonisten dacht er aan daarover te treuren, en ook trokken ze 't zich niet bizonder aan, dat een paar reizende Amerikanen, die de kolonie bezocht hadden, en een heelen avond met hun landslieden hadden zitten praten, den volgenden dag niet weerom kwamen, zooals ze beloofd hadden, en Mrs. Gordon en Miss Young niet schenen te kennen, toen ze haar op straat tegenkwamen.

Maar 't was ernstiger, dat toen de jonge vrouwen in de groote, nieuwe winkels bij de Jaffapoort kwamen, de Grieksche kooplieden zich veroorloofden haar een paar woorden toe te roepen, die ze niet verstonden, maar die werden uitgesproken op een toon en met een gezicht, die haar deden blozen.

De kolonisten probeerden te gelooven, dat dit alles maar toevallig was. „Ze hebben zeker een of ander van ons verteld in 't Christelijke gedeelte van de stad," zeiden ze, „maar dat zal wel weer overgaan."

De oude Gordonisten herinnerden zich, dat er al meermalen allerlei slechte geruchten van hen in omloop geweest waren. Men had van hen gezegd, dat ze hun kinderen geen opvoeding gaven, dat ze op kosten van een rijke, oude weduwe leefden, die ze geheel plunderden, dat ze hun zieken lieten sterven zonder verpleging, omdat ze in Gods bestuur niet wilden ingrijpen, dat ze een weelderig en lichtzinnig leven leidden, terwijl ze zich den schijn gaven van 't ware Christendom te willen invoeren.

,,'t Is iets van dit alles, wat ze nu weer eens ophalen," zeiden ze. „Maar die praatjes sterven wel uit, zooals ze vroeger ook deden, omdat ze geen schijn van waarheid hebben om van te leven."

Toen gebeurde het, dat de Bethlehemsche vrouw, die hun eiken dag groente en vruchten kwam brengen, opeens wegbleef. Zij zochten haar op om haar te bewegen weer terug te komen, maar ze weigerde beslist, ooit weer haar boonen en rapen aan hen te verkoopen.

Dat was een duidelijk teeken. Nu begrepen ze, dat er iets heel slechts van hen verteld werd. 't Moest iets zijn, dat hun allen aanging en dat alle volksklassen gehoord hadden.

't Duurde niet lang of zij werden in deze opvatting versterkt. Een paar van de Zweden stonden op een dag in de kerk van 't heilige graf, toen een schare Russische priesters daar doortrok. De goedige Russen lachten tegen hen en groetten. Ze zagen dat ze

226

Sluiten