Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit de handen gerukt was. Ze begon hevig te schreien, en toen ze voelde, dat ze zich niet meer beheerschen kon, ging ze haastig de kamer uit om den stervende niet te storen.

Buiten in de groote kamer viel ze voorover op den rand van de groote tafel, en snikte hartstochtelijk.

Na een poos hief ze 't hoofd weer op, en luisterde wat er in de kleine kamer gebeurde. Daar werd zacht gesproken, 't Was Oude Lisa, die vertelde, wat er op de bergwei gebeurd was. Maar ze voelde hoe bitter 't was, dat haar geheim verraden werd, en weer begon ze heftig te snikken. „Nu moet ik me van kant maken," dacht ze. Nu las de predikant het doopformulier. Hij sprak zoo duidelijk, dat ze ieder woord verstaan kon. Eindelijk kwam hij aan den naam van 't kind. Dien sprak hij luider uit dan de andere woorden.

Die was: INGMAR.

Toen ze dat hoorde, barstte ze opnieuw in tranen uit in haar machteloosheid.

Kort daarna ging de deur open, en Ingmar kwam op haar toe. Zij ging hem tegemoet en dwong zich tot kalmte. „Je begrijpt weL dat alles tusschen ons blijven moet, zooals we besloten hebben, voor je op reis ging," zei ze.

„Ik zal je nergens toe dwingen."

Zij greep nu heftig zijn eene hand: „Beloof mij nn, dat ik alleen voor 't kind zal mogen zorgen."

„Ja," zei Ingmar. ,,'t Zal alles gaan, zooals je wilt. Oude Lisa heeft ons verteld, hoe je om dat kind geleden en gestreden hebt. Niemand zou 't hart hebben het je af te nemen."

Ze zag hem verwonderd aan. „Ik dacht, dat je heelemaal onhandelbaar zoudt worden, als je de waarheid hoorde," zei ze. „Maar ik ben je zoo dankbaar, dat ik 't je niet zeggen kan. Nu zal ik me een stuk grond koopen in Vaders gemeente. Ik ben blij, dat we in vriendschap scheiden, zoodat we in vrede samen kunnen spreken, als we elkaar ooit weer ontmoeten."

Een glimlach gleed over Ingmars gezicht.

„Ik denk er over, of je nu niet met mij naar Jeruzalem wilt gaan," zei hij.

Toen Barbro dien glimlach zag, keek ze hem oplettend aan. Nooit had ze Ingmar zoo gezien. Zijn heele gezicht was veranderd. Ze vond, dat er iets verheerlijkts in de grove trekken was, zoodat hij bijna mooi werd.

„Wat is er, Ingmar? Wat ben je van plan? Ik hoorde, dat je den jongen Ingmar genoemd hebt. Wat bedoel je daarmee?"

„Nu zul je wat wonderlijks hooren, Barbro," zei Ingmar en nam haar beide handen. „Zoodra Oude Lisa ons vertelde hoe je 't gehad hebt in 't bosch, vroeg ik den dokter 't kind te onder-

381

Sluiten