Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het is ook een kunst, een groote en moeilijke kunst die geleerd moet worden, en die Keesje nog pas begonnen is door oefening aan te kweeken. Een navolging is toch een zelfstandige verwerking, een wijzigende nabeelding van iets dat hij in meerdere modellen als hetzelfde herkent. En daartoe moet men eerst die modellen in hun onderlinge overeenkomst danig hebben begrepen, 't Is weer een leidende neiging uit hét kortelings ontwaakte verstandelijke inzicht geboren.

c . Juist als hij reeds in het vorig jaar door navolging en SUlaeen louter ^^g^ eerste zinnetjes leerde bouwen, zoo gaat WensD^ho^fte' "ij nu, in navolging van de vele uit vader-en-moeder's mond gehoorde verleden-tijdsmodellen, zelfstandig nieuwe woorden voor het verleden opbouwen. Alleen is de drijfkracht bier niet meer als toen: het loutere spelen, het makkelijk mooie kunstjes uithalen. Zeker die lust tot inoefening van het pas aangeleerde werkt ook hier nog mee, maar langzamerhand komt meer en meer een andere faktor naar voren: de behoefte. Hij kent nu het gfoote verschil tusschen het dwingwoordje tija en een verleden-tijdswoord als gatija. En om vader te laten begrijpen, wat hij precies bedoelt, als hij hem 's avonds vertelt, van het heerlijke rijen 's namiddags in de zon, heeft hij naast den infinitief rijen, het verleden deelwoord noodig. Dat gevoel van weer dreigenden eenzaamheidsnood, van behoefte aan mededeeling wordt nu jaren lang de groote drijfkracht, die hem in staat stelt tot de buitengewone herseninspanning: om voor al die verschillende woorden de juiste voorvoegseltjes, achtervoegseltjes, en ldinkerveranderingen te kennen, die hunne beteekenis toch zoo geweldig kunnen veranderen.

„„ , , .... Eer hij abaifcf, atijd, atoept, avalt, atoopt, awotd, in een 32. Analomembe- verieden^jdsbeteekenis kon gebruiken, had hij al diktee ems-groepen. ^..^ ^ moedcrs praten zulke verleden tijden gehoord, die altijd met een moeilijk hoorbare, d.w.z. ongeaccentueerde, silbe begonnen en op een -f eindigden. Van die eerste silbe hoorde hij alleen de stomme a-, de g- ontging hem nog. En nadat hij nu, bij het begin van z'n spel met het witte zand, gezegd had: raar bakka, kwam hij toen het kunststuk klaar was, dat aan moeder vertoonen, en besefte waarschijnlijk volop bewust, dat hij nu voor bakka ook zoo'n moeihjk hoorbare silbe moest zeggen, en moest eindigen met een -t. En inderdaad het lukte. Bij moena gekomen, toont hij z'n mooien ronden zandvorm met ribbeltjes en figuurtjes zeggend: Keesja mooia taat aba/cf ƒ Maar na een tijdje begint hij nu te merken, dat er aan zijn eerste silbe toch iets ontbreekt: hij heeft den g-klank gehoord, en in de zesde maand van dit jaar, zegt hij nu in eens. in alle vormen nooit meer a-, maar vast ga- Menziethethierduidelijk, niet voor elk woordje apart behoeft die ontdekking afzonderlijk te ge-

182

Sluiten