Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— III —

van de vorm Frits opviel. De voor- en achtersteven staken hoog boven water uit.

„Dat is nu nog het echte model der Vikingerschepen, van de schepen der oude Noormannen", zeide kapitein Boersma tot Frits. „Dit is eigenlijk het echte, eigen nationale bootmodel der Noren".

In den namiddag voer de „Holland" dwars door de Malangenfjord en tegelijk werden zichtbaar de uitgestrekte sneeuwvelden van de Bensjordtind, een berg van bijna 1300 M. hoogte op het vasteland.'

Door den Ryström ging verder de weg. Links was het groote eiland Kwalö, rechts het vasteland.

Men naderde nu Tromsö zeer dicht. Nog vóór den avond zou men er wezen en Frits verlangde er naar weer eens voet aan vasten wal te zetten.

Tromsö zou trouwens de laatste Noorsche plaats zijn, die de „Holland" aan zou doen, want na Tromsö zou de reis direct doorgaan tot de plaats van bestemming, Archangel.

Maar voor dien tijd moest water en kolen worden geladen en ook moesten levensmiddelen worden ingeslagen, want de versche levensmiddelen waren alle op. Het laatste versche brood was gekocht te Christiansund; versch vleesch was er ook niet meer aan boord, zoodat men den laatsten dag verduurzaamd voedsel uit de blikken had gebruikt en harde scheepsbeschuit de plaats van brood had ingenomen.

Nu, lieel erg was dit niet, want het vleesch uit het blik en vooral de erwtensoep uit het blik smaakte voortreffelijk, maar deze zaken moesten eigenlijk voor den hoogsten nood worden bewaard. Ook was er een zijde spek aan boord, die een lekker gerecht bij het scheepsbeschuit leverde.

Sluiten