Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

67

verschenen waren; hjj wreef zich in de handen van plezier. Maar toen er eenige afgevaardigden bij hem kwamen, om hem te verzoeken hun nn zijn kunst te leeren, zette hij een ernstig gezicht, zooals 't bij zoo'n gewichtige zaak paste en zei, dat alle kleermakers maar eens ergens in de open lucht, waar men goed de ruimte had, te zamen moesten komen. Hij zou daar dan, ten aanhoore van de geheele vergadering, een voordracht houden.

Nadat de kleermakers hem nog een mooi geschenk beloofd hadden, gingen zij verheugd heen om den anderen deze goede tijding over te brengen.

Den volgenden dag had de vergadering plaats. Uilenspiegel ging een huis binnen en sprak van uit het raam het volgende: „Eerbare mannen van het kleermakersgilde! Allereerst doe ik u opmerken en verstaan, dat ge, wanneer ge in 't bezit zijt van schaar, el, garen, vingerhoed, naald en strijkijzer, genoeg gereedschappen hebt, om uw ambacht goed te kunnen uitoefenen, 't Is geen kunst u deze nuttige voorwerpen aan te schaffen en evenmin is 't een kunst er mee om te gaan. Bi heb u dan ook niet allemaal naar Eostock laten komen, om u deze dingen te zeggen. Maar vrienden, let nu op, leert deze kunst van mij en denkt nog eens aan mij, wanneer ge haar in bëoefening brengt: — als ge den draad in de naald gestoken hebt, vergeet dan niet aan 'teene einde van den draad een knoop te leggen, anders zult ge menigen steek tevergeefs doen. Ik heb gezegd." — Meteen trok hij zich vlug van 't raam terug, verliet ongemerkt het huis en verdween in de menigte.

Sluiten