Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

115

De geur van 't gebraden vleesch

met de overige gasten.

Na den maaltijd betaalde ieder zijn vertering.

Bij Uilenspiegel, die nog steeds voor 't keukenvuur zat, kwam de waard ook, om, als naar gewoonte, het verschuldigde voor 't middagmaal in ontvangst te nemen.

„Wat is dat?" vroeg Uilenspiegelverwonderd. „Hoe heb ik het nu? Je zult toch geen geld willen aan¬

nemen van iemand, die

niets van je eten gebruikt heeft?

De waard werd boos en zei, dat hij er zoo niet af zou

ü-umeu. ju. uaa uilenspiegel ook niet van 't vleesch gegeten, hij had zich toch met den geur verzadigd. In dit geval kwam 't dus op 't zelfde neer, of hij in de keuken, dan wel aan tafel had gezeten, 't Zou hem daarom ook als een maaltijd worden toegerekend. Tyl Uilenspiegel haalde

een paar geldstukken VOOr „den klank hoor ik wel, maar.,

den dag, wierp ze op de

tm

Sluiten