Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK VL

Over de gansche stad galmden de klokken van de kerken der verschillende Parochies, en Rome's trouwe zonen en dochteren begaven zich elk naar hun bedehuis. Charles en Edmond echter zochten afgelegen straten, om geen kennissen te ontmoeten, want zij waren op weg naar de Protestantsche kerk, die zich bevond in een donker gedeelte van een uithoek der stad. In Edmond streden vrees en nieuwsgierigheid met elkander.

„We zijn er! doet lijk ik!" zei Charles, en terwijl zij over den drempel van het kleine gebouw gingen, maakte Edmond — in dezen niet doende als de andere — het teeken des kruises, om beschermd te zijn tegen de macht van „den kwade". Schoorvoetend volgde hij zijn vriend, die toonde, hier geen vreemde te zijn. Heel achter in, dicht bij de deur, namen ze plaats. Hoewel eerst een weinig angstig, voelde Edmond, te midden van den sobersten eenvoud, zoo geheel in tegenstelling met wat hij in de kerk gewoon was, zich spoedig iets beter op zijn gemak. En toen hij weldra hier en daar een bekende zag, ook oude schoolmakkers, was hij blij, dat hij hier zat, al was 't maar alleen, om zijn baas en bazinne wat nieuws te .kunnen vertellen.

Zoodra de gemeente begon te zingen, duwde hij zijn zakdoek voor den mond, uit vrees, dat hij hardop zou beginnen te lachen. Doch Charles gaf hem een kalmeerenden duw.

Totdat de predikant zijn eigenlijke toespraak tot de

Sluiten