Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

24

bij wijze van afleiding zooveel mogelijk muskieten te dooden. Ik bleef daar drie uren mee bezig.

Met het oog op de minder aangename ontvangst die de muskieten je buitenshuis bereiden, is het een gewoonte van allen, blanken en Eskimo's, die in den zomer voor de vischvangst een of ander kamp betrekken, hun tent niet buiten hooge noodzakelijkheid te verlaten. Ik wist, dat alleen de mooie omgeving hier niemand uit z'n hut lokt, hoewel het waterpartijtje met uw mopperenden dienaar tegen de helling van den berg en door 'n krans van muskieten omringd, zeker een zeer ongewoon schouwspel moet hebben opgeleverd.

In ieder geval hield ik het materieel van mijn telegrafie-zonderdraad in gereedheid, om zoo noodig de boodschap van mijn zorgelijken toestand in het luchtruim te verspreiden: een zakdoek uit mijn knapzak genomen en aan het eind van mijn reisstok gebonden, ziedaar mijn nieuwe uitvinding of Marconi-toestel.

Plotseling werd het voorste gedeelte van de tent, dat als deur dient en waarop mijn oogen met alle kracht staarden, opgelicht; werkelijk trad daaruit iemand te voorschijn. Met een sprong stond ik recht, en met mijn seinstok in de hand .teekende ik in de lucht de wonderlijkste bogen, zoodat een telegrafist uit de dagen van Napoleon I, bij het aankondigen van de overwinning van Austerlitz. ze niet zou verbeterd hebben. Mijn signalen werden begrepen. Weldra verscheen mijn blanke vriend met zijn boot op den vijver.

Tien minuten later bevond ik me in zijn tent en deelde hem het doel van mijn reis mee. Nadat hij me met alle aandacht gevolgd had, bemerkte hij: „Uw plan is dus te voet naar Nome te gaan ?"

„Zeker, want ik zie geen andere kans er te komen."

„O zoo !" (Een zeeman voelt weinig voor lange voetreizen.)

„Waarom gaat u niet per boot ? Van hier naar Teller, langs de kust van de Beringzee is het zoo ver niet!"

De afstand is ongeveer 130 kilometer!!

Hij zag dat ik aarzelde.

„Kijk eens," zei hij, „als we van avond samen naar Teller vertrekken, komen wij er waarschijnlijk morgen avond aan; daar vindt u allicht een boot, om u naar Nome te brengen. Wat zegt u daarvan?"

Toen ik eenigszins tegenstreefde en zei van zijn goedheid geen misbruik te willen maken, hernam hij:

„Om de waarheid te zeggen, moet ik toch naar Teller om meel,

Sluiten