Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dordrecht.

212

saepe consulis, nati circa annum MCCCCLI, denati XXX Martii MDXXIV stylo cur. Holl.

Cura posteritatis reparatum MDCXXVI.

Salich zijn de dooden van nu aan, die in den Heere sterven, want zij rusten van haren arbeyt ende hare wercken volgen haar na. Apocalip. cap. XI1H vers XIII.

JesaiaCap.XXXXv.VI. Alle vleesch is hoy ende alle zijn cieraet is als eene Bloeme op den velde.

Vita hominis vigilia memorare novissima et in aeternum non peccabis

Ecaly cap. XII v. VII. Het lichaem moet wederom tot aerde komen, ende den geest tot Godt van waar hij gecomen is.

Tegen den muur van het hoogkoor ziet men op een zerk:

224. De wapens Van den Brandeler en Beens en de kwartieren:

Van den Brandeler Beens Baerl Bacx alle uitgekapt.

(Vgl. Ned. Adelsboek 1912 blz. 406 generatie VIII.)

Over de kapellen zie men de Beknopte Gids voor de Bezoekers der Groote Kerk te Dordrecht door J. L. van Dalen. Van de kapellen vermeld sub nos. VII, XV, XII, XVI, XXII en XXIII ziet men afbeeldingen in de collectie van Mr. W. van der Lely; copieën van deze teekeningen en nog talrijke andere berusten in de collectie Van Gijn op het gemeentearchief te Dordrecht.

225. Evengenoemde collectie vertoont eveneens een monument voor Thomas de Witt, hetwelk tegen het koor was aangebracht met twee wapens: I. De Witt; II. gevierendeeld 1 en 4 een keper, waaronder een ster (6) en in een schildhoofd twee sterren (6); 2 en 3 een leeuw.

Verborgen liggen nog: In de zijbeuken:

226. Het gasthuys ter Groterkérk 1742. (9)

227. Dit sijn de gildegraven (83) met afbeelding van een laars, een schoen, een muil en een mes.

Sluiten