Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

870

HET NEO-KLASSICISME.

• Fig. 968. Pantheon te Parijs.

doorlaten. De pijlers, die door Korinthische zuilen zijn geprofileerd en de zware bogen, herinneren meer aan thermen dan aan een kerk of tempel, evenals de inwendige decoratie, die door Jean Jacques Marie Hervé (1783—1852) in 1845 werd voltooid.

Etienne Louis Boulée (1728—1799)]bouwt te Parijs talrijke woonhuizen, waaronder het maison Brunoy, en de. geheel in Jonischen stijl gehouden, salon van het hötel de Tour olie. De Munt te Parijs, die in 1775 werd voltooid, is het werk van den ook in Zwitserland, Engeland en Spanje bouwenden Jacques Denis Antoine (1733—1801).

Jacques Goudouin (1737—1818) is de ontwerper van de Ecole de Medicine, met Korinthisch peristylium en een Jonische zuilenhal; met Lepère samen bouwt hij in 1810 de naar de Trajanuszuil te Rome gevolgde Vendöme zuil, die ter herinnering aan de gevallen soldaten werd opgericht en die door Denon werd voltooid.

Reeds zeer sterk klassicistisch in zijn opvatting is Théodore Brongniart (1739—1813), die echter, behalve de Dorische, ook de Korinthische orde verwerkt. Zijn hötel Masserano, maar vooral zijn Beurs te Parijs vormen zijn belangrijkste werken. Het laatste, 71 M. lange bouwwerk, begonnen in 1808, van een zware Korinthische orde, werd gevolgd naar den tempel van Vespasianus te Rome en voltooid door Labarre in 1826.

Verscheiden huizen te Parijs zijn het werk van Antoine Frangois Peyre (1739—1823), die met Charles de Waillg (1729—1798) het in 1799 verbrande Odeontheater bouwde, dat echter later in denzelfden vorm door Jean Francois Chalgrin (1739—1811) weder werd herbouwd. Evenals de Wailly is ook Claude Nicolas Ledoux (1736—1806) een vertegenwoordiger van den zwaren, soberen Directoire-stijl.

Sluiten