Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZE VEN-EN-VIJFTIGSTE HOOFDSTUK Waarin de feestvreugde bij fakkellicht voortgezet wordt.

Flambouwen, kienspanen, vetpotten en olielampen, overal zijn ze langs het kerkplein aangestoken, als om op die manier den ontvluchtenden dag bij de vleugels vast te houden, of tenminste het stralen van zijn blinkende gezicht er in te bewaren.

Weer wordt een bal gegeven aan de dorpelingen, doch met dit groote verschil nu, dat de dans niet door Valentijn's gitaar wordt aangevoerd, maar dat hij zelf er een genoodigde is, de meest geëerde van' de gasten.

Een heel muziekcorps hebben ze over laten komen. De schalmei schreit als een klein kind van de buikpijn, en wordt door een dreunenden doedelzak goedmoedig begeleid met geruststellende tonen; ook zijn er nog een paar violen bij en een horen.

Op het geraas van hen samen, en in het rossig gewuif van den vuurschijn, zwiert de bloem van Floreuse.

Huldigingsdansen en bruidsdansen, dansen met linten en shngers en geurige takken, waarbij de zolen op den bodem stampen in de maat van heldhaftige versvoeten. En naar die verrukkelijke ronden, die

263

Sluiten