is toegevoegd aan je favorieten.

Om twee schitteroogjes

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GROOTMOEDERS RAAD

31

Een eind vóór het kleine herbergje, dat terzijde van den weg lag, had Dirk stilgehouden en was van den wagen gewipt, had Ries de teugels in handen gegeven, en gezegd:

„Hier, hou vast, 'k ben dadelijk terug Als ik vlak vóór

de deur stop kan iedereen zien, dat ik binnen ben." Hij was snel vóór langs het paard geloopen, had 't dier met zijn vuist nog een slag onder den bek gegeven: „Kop op, ouwe V en was op een drafje het kroegje binnengegaan.

Ries had gewacht, en 't had lang geduurd; eindelijk was Dirk fluitend teruggekomen. Zijn oogen schitterden toen zoo vreemd, en als hij lachte was 't juist geweest of die oogen precies bij zijn tanden pasten.

Dirk had 't oude paard weer voortgeranseld; in wilde vaart was de wagen met stroo over den straatweg gehollebolderd. Ries had dat woeste rijden wel prettig gevonden, je ging heerlijk, als je je maar goed vast hield; maar toch had hij soms zijn oogen dichtgedaan als 't paard weer zoo'n

striem kreeg 't had toch al zoo hard geloopen als 't

maar kon.

Toen ze de buitenplaats naderden, en Dirk opeens langzaam reed, en zijn zweep achter zich tusschen 't stroo wegstopte, had Ries plotseling gevraagd: „Dirk, heb-je 't vinkje nog ?...."

Hij had 't al wel eerder willen vragen, straks al, op den heenweg; maar hij had niet goed gedurfd, omdat Dirk vanmorgen, toen hij 't hem ook vroeg, geen antwoord had gegeven. Zou het diertje doodgegaan zijn, 't bloedde toen al zoo uit zijn bek en 't hijgde zoo? Nu gauw nog vragen, want dadelijk moest hij van den wagen af....

„De vink?".... grijnsde Dirk „o, dat kopstuk zit

maar als een rat in elkaar gedoken, 't doet geen mond open

nog 't Hangt nou op zolder, Geurtsen wil geen beesten

in den stal hebben, maar 'k zal dien stijfkop wel krijgen,

'k zal hem wel leeren zingen 1"

„Hoe dan? Ga je hem vóórfluiten? Dat is een goed middel, dat helpt, zeggen ze."

„Voorfluiten?" Dirk schaterlachte. „Voorfluiten, ja,