Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terwijl hij hem met één hand vasthield, zwemmende naar de boot. Ongedeerd kwamen zij alle drie op de Walte terug. Maar velen bleven op het land achter, dood of gewond, en toen Compaan weer in zee stak, telde hij wel honderd manschappen minder, dan waarmede hij aan land was gegaan. Maar hij had een goede daad verricht door zijn trommelslager het leven te redden. Zonder zijn hulp zou deze ongetwijfeld een kind des doods zijn geweest.

En de honger was er niet minder op geworden. Gelukkig voor hen ontmoette hij kort daarna een schip, dat veel proviand aan boord had. Hij maakte er zich meester van, en toen kon zijn uitgehongerde^ bemanning weer eten naar hartelust.

Eenigen tijd later bevond hij zich op de kust van Ile de May, waar een mooi Hollandsen schip lag, om zout te halen, 't Was de Omval, uit Hoorn, en de kapitein of schipper, zooals de gezagvoerders toen ook wel genoemd werden, heette Evert Cornelisz en was afkomstig van Berkhout. Het mooie schip maakte dadelijk de begeerte gaande van Compaan, want de Walte werd al wat oud en had reeds menigen zwaren storm doorstaan. Hij vond het dus hoog tijd, zich van een beter, sterker schip te voorzien, en dadelijk besloot hij zich van den Omval meester te maken. Evert Cornelisz had er in het geheel geen erg in, dat het vaartuig, hetwelk op bedriegelijke wijze de Statenvlag en die van den Prins voerde, den gevreesden Compaan tot Commandeur had, en was blijde een Hollander te ontmoeten, met wien hij zich op aangename wijze kon onderhouden. Ongetwijfeld kwam ook dit schip daar op de kust om zout te laden, en dus zouden zij eenige dagen gezellig in elkanders nabijheid blijven. Nauwelijks was Compaan ten anker gegaan, of hij noodigde Evert Cornelisz met zijn beide stuurlieden bij zich om kennis te maken en zijn gasten te zijn, welke vriendelijke uitnoodiging gaarne werd aangenomen. Dadelijk begaven zij zich bij hem aan boord, en de ontvangst was allerhartehjkst. Op de vraag van Evert Cornelisz, met wien hij het genoegen had kennis te maken, vergat Compaan te antwoorden, en de maaltijd nam weldra een aanvang. Compaan bleek een gul gastheer te zijn,

118

Sluiten