Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

142

groot gewicht hoe de manti te hunnen opzichte gestemd was, in tal van tambo's worden dan ook de bovengenoemde verplichte karaktereigenschappen van den manti breed uitgemeten.

Na de invoering van onze rechtspraak en vooral als gevolg van het daardoor vervallen van adatboeten, is de figuur van den manti op den achtergrond geraakt.

De doebalang. De dorpsschout, vroeger ook voorvechter, had het niet gemakkelijk.

Lalo* siang badjagö malam

Tidoea batilam sigaga

LalcP bakoelamboe rasam

Katonjo manandèh

Roendiëngnjö malangga

Toenggang hilang barani mati

Karèh di takië Ioenas di soedoe

Diamnjö di pintoe mati: hij slaapt overdag maar waakt 's nachts, hij rust op een bed van scherp gras, hij slaapt in een klamboe van harde varens (Oleichenia Iinearis Cl), wat hij zegt kan hem niet veel schelen, zijn spreken gaat te ver, hij is bereid heen te gaan, durft te sterven; wat hard is kerft hij en hij lepelt wat zacht is, hij staat aan de poort van den dood.

Hij moet dus gewoon zijn aan een ruw leven en aan ontberingen, hij had haar op de tanden en trad hard op, hij was moedig, hardhandig waar noodig, maar zacht van gemoed waar geen hardheid noodig was.

De adat-doebalang maakte in de nieuwe maatschappij, waar de Hollanders de leiding hadden, spoedig plaats voor de door het bestuur ingevoerde kampoengpolitie: de doebalang's en pagawai's van den panghoeloe soekoe rodi en van nagari- en larashoofd.

De adat-doebalang heeft dan ook niet de minste bemoeienis met politie en justitie, zijn ambt is van bijna >) alle grootheid ontdaan, slechts de galar, die van oorlog en bloed spreekt, is hem gebleven, den onttroonden stadsrustbewaker.

II. De rantau, Welke landen moeten beschouwd worden tot de de lage landen, rantau te behooren ?

Het antwoord op deze vraag is niet gemakkelijk te geven. De bewoners der grenslanden zijn in deze niet als betrouwbare berichtgevers te beschouwen, daar men gaarne een andere streek rantau noemt en zijn

ll Vergelijk blz. 173 over zijn optreden na het uitspreken van een ernstig boeangvonnis.

Sluiten