Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voorbereiding tot het bezoek.

Weigering om «en Agent te ontvangen.

als zoodanig te vervullen heeft, kan en mag daarin een indiscretie zien: het is integendeel zijn plicht en niets meer!

Voordat de Agent zijn eerste bezoek brengt bij een nieuwen candidaat, moet hij dat zooveel mogelijk voorbereiden, d. w. z. hij moet trachten, eenigszins op de hoogte te komen van de levensomstandigheden van dengene, dien hij verzekeren wil. Ook hiermede bedoel ik geene indiscretie, want het is volstrekt niet noodig, dat hij den spion spele, en zich dringe in de intieme aangelegenheden van een hem onbekend gezin.

Het is alleen gewenscht, dat hij tenminste vooruit weet, of degene dien hij bezoeken zal, al of niet gehuwd is, en of er in het eerste geval kinderen zijn of wellicht nog kinderen zullen komen; of hij misschien zal komen te staan tegenover een weduwnaar, die over hertrouwen denkt; of hij met iemand te doen zal hebben, die een flinke premie missen kan, dan wel met iemand, die in minder gunstige omstandigheden verkeert, enz. enz. Anders kan het den Agent gebeuren, dat hij met iemand, die een talrijke familie heeft, over het sluiten van een lijfrente begint te spreken, of aan iemand, die zeer welgesteld is, een verzekering van één of tweeduizend gulden kapitaal voorslaat. En juist op zulk een eersten voorslag komt het vooral aan: de candidaat moet, zoodra hij het voorstel hoort, den indruk krijgen, dat dit nu juist iels is, dat voor hem speciaal geschikt is.

Aldus toegerust, tracht de Agent zijn candidaat te spreken te krijgen. Ik zeg „tracht", want in niet weinige gevallen „tusschen doen en zeggen vele mijlen leggen". Niet, omdat de Agent van zijn voorgenomen bezoek afziet, maar omdat men eenvoudig weigert hem de ontvangen. Er zijn landen, waar men vreemd zou opkijken, indien men er hoorde, dat den Agent eener Levensverzekering-Maatschappij, wanneer hij beleefd om een onderhoud verzoekt en op een niet ongelegen tijdstip komt, den toegang geweigerd wordt. Ook al heeft men niet het minste plan zich te verzekeren, al is men wellicht reeds dubbel en dwars verzekerd, men begrijpt daar toch, dat men verplicht is, een fatsoenlijk man, die over een ernstige zaak spreken komt, ten minste even persoonlijk te woord te staan.

In andere landen, en ook in ons gezegend vaderland, denken velen er anders over. Daar laat men den Agent soms op de vloermat staan, en moet hij van de dienstmeid de boodschap hooren: „Mijnheer doet er niet aan", „Mijnheer wil er niets van weten", „Mijnheer is al voor-

Sluiten