Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

, Beteekenia van *8t afwijzen.

het vSl' afwÜzen in

I

nemen van doeltreffende maatregelen ter verbetering van den gezondheidstoestand geleid.

Men moet den afgewezene vooral de beteekenis dier weigering goed voor oogen houden, en wanneer hij deze goed begrijpt, zal ook zijn overdreven onrust verdwijnen. Met de afwijzing toch wordt voor eèn bepaald persoon van b.v. 50 jaren niets anders gezegd, dan dat hij, naar het oordeel van den Geneeskundigen Adviseur, meer kans heeft om te behooren tot die helft van de44.000 vijftigjarigen, die den 72-jarigen leeftijd niet bereiken zal, dan tot de helft, die dat wèl zal doen. Dus geheel iets anders dan de voorspelling van een vroegtijdigen dood of het bewijs, dat men aan een gevaarlijke kwaal lijdende is. Dit kan natuurlijk de oorzaak zijn, maar is dat volstrekt niet en elk geval. Wij zagen reeds, dat zelfs volkomen gezonde personen afgewezen kunnen worden. En even goed als iemand, wiens verzekering aangenomen werd, vroeg sterven kan, bestaat de mogelijkheid, dat iemand, wiens verzekering afgewezen werd, een hoogen ouderdom bereikt.

Een troostgrond voor den bij een Levensverzekering-Maatschappij afgewezene, en wel dikwijls een zeer afdoende troostgrond, is deze, dat de mogelijkheid bestaat, dat hij bij een andere Maatschappij wèl aangenomen wordt. Het zou een volkomen verkeerde gevolgtrekking zijn, wanneer men uit het voorkomen van een dergelijk geval wilde afleiden, dat die aannemende Maatschappij minder voorzichtig en dus minder solide is dan de eerste, een voorstelling, welke door welwillende concurrenten niet zelden wordt te baat genomen om aan den naam eener Maatschappij afbreuk te doen. Wel is het ontegenzeggelijk waar, dat er enkele Maatschappijen zijn, die op het punt van het geneeskundig onderzoek een onvergeeflijke lichtzinnigheid betoonen, en zich door de mogelijkheid eener oogenblikkelijk groote productie tot het aannemen van slechte risico's verleiden laten. Het feit op zichzelf echter, dat Maatschappij A een post aanneemt, die door Maatschappij B geweigerd werd, bewijst volstrekt niets tegen de vertrouwbaarheid van Maatschappij A, en evenmin iets betreffende de meerdere nauwkeurigheid van het onderzoek bij een der beide Maatschappijen. Het wijst alleen op de omstandigheid, dat hare geneeskundige Adviseurs een verschillend inzicht in de zaak hebben, of naar een anderen maatstaf sordeelen, en dat deze het dus niet eens zijn omtrent den invloed, dien ie waargenomen verschijnselen op de levenskans kunnen oefenen. En evengoed als heden A een door B afgewezen post aanneemt, kan

Sluiten