Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

begrijp niet waarom we nu in 's hemelsnaam niet verder kunnen. Dat onmogelijke teuten altijd met die rijtuigen; dat ze daarin geen betere regeling treffen kunnen is mij een raadsel. ..

— Het zal vol zijn, denk ik, zei Josine laconiek, — met zulk regenweêr komt letterlijk iederéén met een rijtuig of auto.

Josine Heytink was meegevraagd; Jeanne was 'op een bal bij een vriendinnetje en de Hada's hadden plaats genoeg in hun loge.

Ze schokten weêr voort, het coupétje in het donker weêr voor een oogenblik, dan plotseling in 't helle licht der lantarens van den schouwburg. Een agent rukte 't portier open, nam de parapluies aan, die mevrouw hem reikte; stak ze op. Annie, uitstijgend, had even als 't vizioen van bleekvale gezichten, nieuwsgierige oogen van onder petten en hoofddoeken, een rij grauwe, verregende gestalten op de morsige straat... dan dadelijk het volle licht der schouwburg-corridor.

Van uit hun loge zag zij neêr op 't woelig gewriemel beneden in de zaal. Ze waren wat vroeg, en overal, in het parterre, de stalles, gaapten nog leêge plekken, die zich langzamerhand met menschen vulden. Leunend op den roodfluweelen logerand, haar oogen als onverschillig door de zaal warend, vond Annie het een heimelijk genot de toiletten te critizeeren en een beetje de draak te steken met al die menschen. Sommigen waren zoo mal-dik en anderen waren weêr mal-dun, en allemaal deden ze toch zóó verschrikkelijk hun best om mooi te worden gevonden! 't Was net een comedie in de comedie. Got, hoe kwam ze op die leuke gedachte ineens; en ze deed toch immers zelf aan die comedie meê; nou ja, maar ze had dan ook wel lust zich zelf eens flink uit te lachen: dat ze hier nu zoo poes-mooi zat inplaats van op De Groote Brink rond te loopen. Of neen, daarvoor was het nu te laat natuurlijk; ze zou nu bij grootma zitten in de zijkamer, met Ferdinand Huyck, en den wind die woei en den regen dié tegen de ruiten kletterde. Hè, ze woü dat ze er zat... maar 't was hier toch ook wel geestig; ze was dol op mooie toiletten... Kijk, dat liberty-toilet... beeldig dat lichte groen... hè, ze hoopte zoo dat ze nog in de mode zouden zijn tegen dat zij er een dragen kon ... Maar eerst nog haar tijd in Engeland ... Gek, dat ze er nu dikwijls naar verlangen kon...

— Zeg Annie, die dame in 't lila in 't balcon aan de

Sluiten